vrijdag 13 juni 2008

Een ontdekkingstocht door de psyche

Hermann Hesse,
Steppenwolf (Duitsland 1927)
Roman, 242 pp.
13 juni 2008


Steppenwolf is het eerste boek van Hesse dat ik heb gelezen en ik weet nog steeds niet helemaal wat ik ervan moet denken. De 'steppenwolf' uit de titel is Harry Haller, een intellectueel met een uiterst verfijnde en ontwikkelde smaak, die aan de ene kant de bourgeoisie veracht en haat, en er aan de andere kant geen afstand van kan nemen. Harry heeft een strikt schematische kijk op zijn eigen persoonlijkheid: aan de ene kant is daar de hoogst beschaafde, sensitieve Mozartliefhebber die het moderne leven niet aankan, aan de andere kant staat de persoonlijkheid die zich aangetrokken voelt tot duistere kroegen en waanzin, en hij is niet in staat de twee te integreren. Hij is vervreemd, geïsoleerd en, hoewel nog geen vijftig, het leven moe.

Dan gebeuren er vreemde dingen: een deur in een oude muur die er eerst niet was met het opschrift "Alleen voor gekken", een man die hem midden in de nacht een pamflet in handen duwt dat een verhandeling over zijn eigen persoonlijkheid blijkt te zijn en een ontmoeting in een kroeg met een vrouw die hem lijkt te kennen en die zijn leven om gaat gooien. Het verhaal wordt steeds surrealistischer en aan het eind verzeilt Haller in een soort wilde ontdekkingstocht door zijn eigen leven en psyche, waarin hij leert over de eindeloze mogelijkheden die hij onbenut heeft gelaten en over de noodzaak van hardop lachen.

Dit boek stamt uit de jaren twintig, maar het verbaast me niks dat het vooral in de jaren 60 een grote hit werd (mijn editie is een tweedehands uitgave uit die tijd). Een groot deel van het boek doet denken aan een drugstrip, Harry is een intense navelstaarder en ook zijn pacifisme en zijn geschop tegen de burgerlijkheid pasten helemaal in de zestiger jaren, net als de (nogal oppervlakkige) verwijzingen naar oosterse filosofie.

Vind ik het ook een goed boek? In zekere zin wel: het is origineel en pakkend, er komen boeiende ideeën in voor. Aan de andere kant: het is geen wonder dat vooral jonge mensen op zoek naar zichzelf zich erg door dit boek voelen aangesproken. Harry Haller komt soms eerder over als een onzekere adolescent dan als een rijpe man in een midlife crisis en dat komt voor mij noch de geloofwaardigheid noch de betrokkenheid ten goede. Ook doet het boek schematisch aan, in die zin dat het niet over echte mensen gaat, maar meer over figuren die iets vertegenwoordigen of symboliseren. Zelfs Harry komt niet helemaal over als een mens van vlees en bloed, maar meer als een kunstmatige constructie, alhoewel ik regelmatig met hem meeleefde en sympathiseerde.

Eindoordeel? Een heel interessante leeservaring, maar niet genoeg om het een tijdloos meesterwerk te vinden.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen