woensdag 5 mei 2021

Fries bont (een agrarisch verhaaltje)

Ik ben niet van plan om dit met iemand te delen. Dat akkefietje met de gierkelder was al erg genoeg. In alle kranten stond het, breed uitgemeten. Ik weet dat ik niet moet zeuren, want ik ben op tijd gered en het enige dat ik er aan opgelopen heb, is een flinke hersenschudding, maar waarom al die aandacht in de pers? Zo leuk was het niet. Dus dit houd ik mooi voor mezelf, want anders zeggen ze nog dat ik gek ben geworden.

Het is ook wel een beetje raar. Elke keer als ik na het ongeluk in de stal aan het werk ging, hoorde ik gekwebbel in mijn hoofd. Tenminste, ik dacht eerst dat het in mijn hoofd was. Maar plotseling begreep ik dat het de koeien waren. Ze waren met elkaar aan het kletsen en ik kon ze voor het eerst horen. Boukje 32 en Akke 68 hadden het over het weer, Tjitske 12 en Hylkje 41 bespraken de nieuwe uierzalf en Jebbichje 23 lag te mijmeren over het eerste kievitsei.

Hylkje 41
Het was allemaal even oninteressant, want koeien hebben niet direct een rijk geestelijk leven, dus ik deed geen enkele poging om aan de gesprekken mee te doen. Totdat ik op een ochtend binnen kwam om te melken en hoorde dat ze aan het roddelen waren. Over mij!

"Hij heeft al weken zijn haar niet gewassen."

"En altijd diezelfde saaie trui en die uitgelubberde spijkerbroek. Nooit eens een fleurig kleurtje of een sexy pasvorm."

"Ja, vreselijk, hè? En dan die buik. Zo komt onze Wiebe nooit aan de vrouw."

Dat raakte me. Dus ik ben eens gaan nadenken. Aan die buik kan ik niet zoveel doen. De Popkema-familie is nu eenmaal fors gebouwd. Elke week mijn haar wassen vind ik overdreven, maar misschien is een keer in de twee weken niet zo’n slecht idee. En dan mijn kleren... Lastig, ik koop ze mijn hele leven al bij de Wehkamp en altijd ongeveer dezelfde. Zouden die ook fleurige truien hebben?

Keus zat, zo bleek. Ik heb een lekker bonte trui met stripfiguurtjes erop besteld, flink strak, dus goed afkledend. Kom ik vanochtend in de stal, met mijn haar net gewassen, mooie nieuwe trui aan het lijf, roep ik "En dames, wat vinden jullie ervan?", krijg ik verdomme dit te horen: "Boeoeoeoeoeh!"


PS Aarzel niet om je eigen commentaar toe te voegen. Ik stel het zeer op prijs als mensen de moeite nemen om reacties of aanvullingen te plaatsen.

zaterdag 24 april 2021

Belangrijk

Nieuwe abonnementsservice
Tientallen lezers hebben een abonnement op mijn blog via een feedreader (zogenaamde RSS) of via de mail. De updates daarvoor werden verzonden via het Feedburnerplatform, maar dat houdt er binnenkort mee op. Ik heb dus een nieuw abonnement opgezet via een ander platform (Follow.it). Als het goed is zijn mijn bestaande abonnees allemaal overgezet naar dat nieuwe platform, maar of alles helemaal correct verlopen is, weet ik nog niet zeker, omdat het overzetten vreselijk ingewikkeld was en ik er heel veel verschillende stappen voor heb moeten uitvoeren.

Twee keer dezelfde update
De laatste stap is het verwijderen van mijn oude feed op Feedburner. Dat durf ik pas aan als ik zeker weet dat het nieuwe platform werkt. De lezers met een abonnement via de mail krijgen daarom van deze post twee keer een mail: één keer via de oude Feedburner en (als het goed is) ook nog een keer via Follow.it. Als blijkt dat het nieuwe abonnement goed werkt, zal ik de feed op Feedburner verwijderen en krijg je voortaan alleen nog updates via Follow.It.

En vergeet vooral niet om te bevestigen als daarom gevraagd wordt!
In het eerste bericht dat je via Follow.it ontvangt, word je waarschijnlijk gevraagd om via de link in dat bericht eenmalig je mailadres te bevestigen, om te voorkomen dat je het doelwit van spammers wordt. Dus ook als je je mailadres in Feedburner ooit al bevestigd hebt, kan het zijn dat je dat hier nog een keertje moet doen.

Contact
Als je denkt dat er iets niet goed gaat met je abonnement, kun je ofwel een reactie hieronder achterlaten of een mail sturen via de contactpagina. Die werkt inmiddels ook weer naar behoren, nadat het oude formulier de geest had gegeven.


zondag 18 april 2021

Wie was Theodora?

Stella Duffy,
Theodora: Empress, Actress, Whore (GB 2010)

Roman, 320 pp.
Niet in het Nederlands vertaald

Wat is dit nou voor een rare titel: "Theodora: keizerin, actrice, hoer"? Wie is in hemelsnaam Theodora? En waar slaat dat keizerin op? Is dit een of ander fantasy-verhaal? Ik kan me voorstellen dat de meeste mensen zo reageren bij het zien van de titel van deze roman. Theodora is niet een naam die nu nog bij het grote publiek bekend is. Maar ze was wel degelijk keizerin en ze was in haar jeugd inderdaad actrice en prostituee. Ze was - om precies te zijn - de gemalin van de zesde-eeuwse keizer Justinianus, die vanuit Constantinopel over het Oostromeinse Rijk heerste. Justinianus is vooral voor juristen een goede bekende. Hij liet het Romeinse civiele recht van zijn tijd op schrift stellen en systematiseren, een actie waar wij ons huidige Burgerlijk Wetboek aan te danken hebben. En Theodora was zijn indrukwekkende, machtige en invloedrijke echtgenote. Een tijdgenoot, Procopius, heeft over Justinianus en Theodora een niet voor officiële uitgave bestemd boekje geschreven (tegenwoordig bekend als De geheime geschiedenis) waarin zij wordt neergezet als een op macht en seks belust sekreet. Het is echter zeer de vraag of Procopius wel neutraal was en we weten dus niet met hoeveel korrels zout we zijn visie op haar moeten nemen. Stella Duffy is in ieder geval heel wat sympathieker en geeft in deze historische roman een onderhoudend en interessant beeld van het leven van deze bijzondere vrouw, van haar vroege jeugd tot  haar huwelijk met Justinianus.

maandag 12 april 2021

Het was een nevelige avond in november (vervolg)

Klik hier voor deel 1 van dit verhaal

______________________________________

Ik ben geen kenner, maar zelfs ik kon zien dat de salon ooit een fraai vertrek was geweest, met een hoog, geornamenteerd plafond, okerkleurig zijden behang, een schitterende kroonluchter, meubilair van duur hout en een grote staande klok. Maar nu hingen het plafond en de kroonluchter vol spinrag, was het behang verschoten en kapot, en de meubels dof en aangetast door houtworm. De klok was stil. Het vertrek voelde door en door kil en rook muf, naar schimmels en oude pijptabak. Boven de marmeren schoorsteenmantel hing een antiek portret van een man van in de dertig - gezien de gelijkenis een verre voorouder van de heer des huizes.

'Ik kan u helaas geen versnapering aanbieden, want ik heb nog maar één bediende en die is momenteel absent.' Clinckema schudde zijn hoofd, zuchtte diep en ging moeizaam zitten in een vieze, stoffige fauteuil. 'Het is vrijwel onmogelijk om personeel te krijgen dat nog respect heeft voor de hogere klassen. Allemaal de schuld van Napoleon en zijn akelige ideeën.'

'Napoleon? Dat is wel erg lang geleden.'

Meteen kwam de autoritaire toon terug. 'U bent duidelijk een jong persoon dat van niks weet. Mijn oudere broer heeft nog in Napoleons marine gediend en is bij Trafalgar omgekomen; zolang geleden is het derhalve niet. Dat is het portret van mijn broer, daar boven de haard. Hij had gemakkelijk een remplaçant kunnen sturen, maar nee, Duco was gegrepen door de revolutionaire idealen. Voordat hij Napoleon achternaging, heeft hij het hele landgoed verhypothekeerd voor de revolutionaire zaak, die vanzelfsprekend een verloren zaak bleek. Ik erfde een schuld die ik nooit kon afbetalen.'

Ik zat me af te vragen hoe ik op deze waanideeën moest reageren, toen er driftige voetstappen aankwamen. De deur zwaaide open en daar stond een tanige, hoogbejaarde werkman met een verweerd gezicht - ook al in ouderwetse outfit, compleet met pet. 'Ik heb geld nodig om de kruidenier te betalen,' begon hij abrupt, maar toen zag hij mij en vroeg verbaasd 'Wie is dit?'

'Een jonge advocaat die mij even gezelschap houdt. Ga koffiezetten en zorg voor iets erbij. En steek de haard aan.'

Dit moest Bakema zijn. Hij nam me geringschattend op en zei toen smalend: 'Een advocaat! In zulke rare kleren zeker.'

Hoezo, rare kleren? Ik had een duur donsjack aan en een donkerblauw pak. Ik had ‘s ochtends zelfs mijn schoenen gepoetst. Wat een lomp duo was dit.

'Manieren, Bakema, manieren! Ga koffiezetten. Vort.'

Bakema wierp zijn werkgever een moordlustige blik toe en ging er stampend vandoor. 'Ik zal je wel krijgen,' mompelde hij, voordat hij de deur met geweld dichtsloeg. De oude heer besloot de opmerking te negeren en begon over zijn illustere familie te mijmeren. Over een jeugd vol bedienden en rijtuigen met Friese paarden. Over zomeravonden met punch, in tuinen met Italiaanse beelden en theekoepels en geschoren hagen en rozenbogen. Over de soirees die zijn moeder gaf, met overvloedige schotels, Franse wijnen en muziek van het beste strijkje uit de stad Groningen. Over jachtpartijen met de bewoners van de andere borgen in de provincie; over de objets d'art waar het huis ooit vol mee stond.

'Kijkt u eens,' hij schuifelde naar de marmeren schoorsteenmantel en pakte er verrassend trefzeker een kleinood van af, 'dit is de enige speeldoos die er nog over is. Ik kan het danseresje niet meer pirouettes zien maken, maar ik kan nog wel van het muziekje genieten. Als ik dat hoor, ben ik weer helemaal terug in mijn jeugd. Probeert u zelf maar, dan ga ik kijken wat Bakema uitspookt en waarom die koffie zo lang uitblijft.'

Ik hield een kunstig gemaakt speeldoosje in mijn hand, wond het mechaniek op en liet het een sprookjesachtig Mozartmelodietje spelen, terwijl een ballerina sierlijke rondjes draaide. Betoverend! Ineens werd de betovering verbroken door luid geschreeuw verderop in het huis en tegelijkertijd meende ik weer die brandlucht te ruiken. Ik opende de deur naar de gang en prompt sloegen de vlammen me tegemoet. Oh God, ik moet onmiddellijk die twee oude mannen naar buiten zien te krijgen, was mijn eerste gedachte. Maar de rookontwikkeling was al zo sterk dat ik bijna niks meer zag en ik kreeg het zo benauwd dat ik het bewustzijn verloor.

Weer dat misselijk makende gevoel van vallen, weer het stikdonker, weer het bijkomen op de grond. Maar nu was ik terug in mijn vertrouwde omgeving. Vroeger was hier een borg geweest en mijn huis is gebouwd op wat eens de bijbehorende boomgaarden en bleekvelden waren, zo wist ik van het gemeentebord dat hier staat. Maar daar had ik nooit veel acht op geslagen, dus waarom had ik er nu zo'n levensecht visioen over gehad? Ik was amper geïnteresseerd in geschiedenis.

Enigszins wankel kwam ik thuis. Daar googlede ik "Clinckemaborg", dat een eigen lemma op Wikipedia bleek te hebben. Fundamenten uit de late middeleeuwen, bladibla, herbouwd in de zeventiende eeuw, bladibla, neergang van de familie vanaf de negentiende, en toen: "In 1878 werd de borg door onbekende oorzaak door brand verwoest, waarbij de laatste jonker om het leven kwam. In het dorp gingen geruchten dat zijn tuinman de brand had aangestoken, maar daar was geen bewijs voor." Kennelijk had ik hier al eens eerder over gehoord of gelezen en was ik dat vergeten, want anders kon ik niet verklaren waarom ik er zo accuraat over had gehallucineerd.

Maar als het een hallucinatie was, waar kwam dat antieke speeldoosje in mijn jaszak dan vandaan? Met een danseresje dat er nog puntgaaf uitzag en een muziekje dat nog net zo zuiver klonk als toen jonkers op jachtpartijen gingen en jonkvrouwen punch dronken in theekoepels?

_____________________________________________________________________________

Ik schreef dit verhaal als inzending voor de verhalenwedstrijd "Een gedroomd verleden", georganiseerd door de Stichting Nostalgisch Erfgoed. De opdracht was om een verhaal te schrijven dat speelde in de periode 1840-1940 en waarin het verleden genostalgiseerd word. Mijn verhaal won niet de prijs van € 500, maar behoorde volgens de jury wel tot de beste verhalen en is daarom onlangs gepubliceerd in een bundel, die ook "Een gedroomd verleden" heet.



zondag 11 april 2021

Het was een nevelige avond in november

Het was een nevelige avond in november, even na middernacht. Ik had na een vermoeiende rechtszitting in Den Haag nog net de laatste trein naar mijn Groningse dorp gehaald en liep snel naar huis. Ineens gebeurde er iets wat ik nog steeds niet kan verklaren. De mist verdikte zich. Het werd ijskoud. Ik zag niets meer, probeerde op de tast verder te gaan, raakte gedesoriënteerd, en even leek het alsof ik tegelijkertijd zweefde en viel.

De geur van nat asfalt verdween en in plaats daarvan rook ik heel kort een sterke brandlucht. Het gevoel van vallen stopte en ik begon weer te zien. Ik lag tot mijn stomme verbazing in een verwaarloosde tuin, en uit de mist doemde een groot huis van verweerde bakstenen op, met een imposante deurpartij, een torentje, krullerige muurankers, dikke klimop langs de muren en luiken met afbladerende donkerrode verf. 

Zulke huizen waren er toch niet bij mij in de buurt? Hoe was ik hier in godsnaam terechtgekomen? Ik moest uren buiten westen zijn geweest, want het was inmiddels dag en nog steeds voelde ik me gedesoriënteerd en een beetje misselijk. Had ik een hersenschudding opgelopen?

Op dat moment ging krakend de deur van het huis open. In de opening stond een corpulente oude heer, leunend op een stok. Zijn witte haar stond alle kanten uit en hij leek verward. Voorzichtig stak hij zijn hoofd buiten de deur, hield het scheef, draaide het naar de andere kant en bleef even doodstil zo staan. Ik wilde snel overeind komen, omdat het zo gênant is om languit in andermans tuin betrapt te worden, maar ik was nog steeds duizelig en viel met een klap tegen een gammel hek.

De oude heer draaide zich abrupt in mijn richting en tuurde ingespannen over mijn hoofd heen. 'Bakema! Bakema! Ben jij dat? Kom onmiddellijk hier!'. Ik keek om mij heen of ik Bakema ergens zag, maar er was verder niemand. Zou hij het soms tegen mij hebben? Zag ik eruit als Bakema?

'Bakema! Ik heb je heus wel gehoord. Kom hier! Ik heb je nodig.'

Ik voelde me nu toch wel verplicht om te reageren. 'Sorry, maar ik ben Bakema niet.'

Dit bracht de oude heer van zijn stuk en de toon veranderde. 'Ach zo. Wie is u dan?' vroeg hij, nog steeds onzeker over mijn hoofd heen turend.

'Eh, een voorbijganger.' En op dat moment realiseerde ik me dat de arme man blind was. 'Kan ik u misschien helpen?'

'De haard moet aangemaakt worden. Dat is de taak van een bediende. Bent u dat?'

'Nee, ik ben advocaat.

'Hm, een gestudeerd man. Niet bepaald nuttig, maar wellicht heeft u even tijd om een eenzame oude jonker wat gezelschap te houden.'

Een eenzame oude jonker? Ik wist vrijwel zeker dat de plaatselijke jonkersfamilie allang was uitgestorven. De man leefde duidelijk nog in het verleden. Vandaar natuurlijk dat potsierlijke pak, dat zelfs in de tijd van mijn opa al hopeloos ouderwets was.

'Komt u toch binnen.' Hij maakte een uitnodigend gebaar en keek hoopvol in mijn richting. 'Ik heb al zolang niet meer met een ontwikkeld man gesproken. Clinckema is de naam.' Ik stelde me op mijn beurt voor en keek voorzichtig een hal met zwart-witte marmeren plavuizen in.

Het gezicht van Clinckema lichtte op. 'Aah, daar bent u. U kunt uw hoed op het tafeltje naast de deur leggen. De salon is rechts. Treedt u binnen en gaat u zitten.'

Wordt vervolgd...


maandag 5 april 2021

Huiveringwekkend actueel

Abigail Dean
Girl A (GB 2021)

Roman, 334 pp.
Nederlandse titel: Meisje A

Meisje A is degene die uiteindelijk ontsnapt. Zij is degene die op haar vijftiende aan de gevangenschap van haar ouders weet te ontkomen, waarna ook haar broertjes en zusjes eindelijk bevrijd worden. Dat weet je al snel, waarna de beschrijving van haar verknipte jeugd, waar ze in dit boek op terugkijkt, een stuk minder zwaar verteerbaar is. Uiteraard is dit boek weer als thriller in de markt gezet, want dat verkoopt nu eenmaal het lekkerst, maar het is veel eerder een psychologische roman over de zieke gezinsdynamiek binnen een familie waarin de dominante vader uit naam van zijn geloof steeds gestoorder met zijn talrijke kinderen omgaat en de moeder het laat gebeuren. Het is allemaal heel gruwelijk, en tegelijk is het ook fascinerend om te lezen hoe het in dit gezin heel geleidelijk van kwaad tot erger is gegaan en hoe de vader en de moeder zijn geworden wie ze zijn. Maar het accent ligt op de broers en zussen en op wat er na de bevrijding van hen is geworden.

zondag 28 maart 2021

Drie voor de prijs van één

De afgelopen tijd ging ik zo nu en dan even op avontuur en waagde ik me aan een paar boeken die ik normaal niet zo gauw zou lezen. Vooral het laatste jaar houd ik het vooral bij de wat veilige keuzes uit de Engelse literatuur, want het leven is momenteel al ingewikkeld genoeg. Hoe dan ook, zo kwam het dus dat ik de volgende boeken las:

  • een young adult fantasy van een schrijfster uit Sierra Leone;
  • een literaire roman van een Chinese schrijfster die nu in de VS woont;
  • een science fiction roman van een auteur uit Sri Lanks.

De auteurs hebben eigenlijk niks gemeen, behalve dat ze alledrie in het Engels schrijven voor (volgens mij) de Amerikaanse markt. Het fantasyverhaal is nog maar net uit, maar nu al een bestseller. De roman van de Chinese en de Sri Lankaan zijn niet erg bekend, en waren een beetje tegenpolen. De Chinese roman viel zeer goed bij de professionele recensenten maar niet zo bij de gewone huis-tuin-en-keuke-nlezer, terwijl het Sri Lankese sf-verhaal zeer enthousiast besproken werd door de luitjes op Amazon, maar voor zover ik weet door de literaire critici genegeerd is, alhoewel het volgens de beschrijving op Amazon wel een prijs heeft gewonnen. En wat waren mijn ervaringen? Gemengd. Van "lekker spannend en interessant" tot "mweh".
______________________________________________________________________________

zondag 21 maart 2021

De gouden kever

Rachel Joyce,
Miss Benson's Beetle (GB 2020)

Roman, 384 pp.
Nog niet in het Nederlands vertaald, maar dat komt vast nog
 

Rachel Joyce had een droomdebuut. The Unlikely Pilgrimage van Harold Fry (hier besproken) was een hele fijne roman en een enorme bestseller. Ze heeft dat succes daarna niet meer helemaal kunnen evenaren, maar dit boek is bijna net zo fijn en ik hoop voor haar dat het ook weer een bestseller wordt. Ook hier hebben we, net als in Harold Fry, een hoofdpersoon die radicaal met haar oude leventje breekt, op reis gaat en een persoonlijke transformatie doormaakt. Het is het soort verhaal dat gemakkelijk weeïg en voorspelbaar had kunnen worden, maar Joyce maakt er iets moois van, waarbij vooral de twee memorable en sympathieke hoofdpersonen ervoor zorgen dat je de hele tijd meeleeft.

zondag 28 februari 2021

Millennials en influencers

Kiley Reid,
Such a Fun Age (VS 2020)

Roman, 320 pp.
Nederlandse titel: Zo'n leuke leeftijd


Het zal je maar overkomen: je bent als twintiger gezellig op een feestje, in een sexy jurkje, en al met enkele glaasje achter de knopen, word je ineens gebeld door de moeder van Briar, het kleine meisje waar je een paar keer in de week op past. Of je meteen langs kunt komen om met het kind even naar de nachtwinkel te gaan, terwijl pa en ma een aangifte wegens vernieling afhandelen. Het is al rond middernacht, maar je bent gek op het meisje, en dus neem je haar mee naar de nachtwinkel, zodat het kind niet hoeft te zien dat er politie over de vloer is. En wat gebeurt er dan? Je wordt ingerekend door een beveiliger, want een andere klant vindt het verdacht dat je midden in de nacht met een wit meisje in de winkel rondloopt. Je hebt haar vast ontvoerd. Je bent immers zwart en dus verdacht.

zaterdag 13 februari 2021

Ontspannen in Spanje

Chris Stewart,
Last Days of the Bus Club (GB 2014)

Reisverhaal, 240 pp;
Niet in het Nederlands verkrijgbaar

 

Dat is nog eens sympathiek: Chris Stewart heeft een vierde deel aan zijn trilogie toegevoegd. Als je ergens blij en goedgemutst van wordt dan is het wel van de belevenissen van Chris op zijn boerderijtje in Zuid-Spanje. Hij vertelt met veel humor en typisch Engelse bescheidenheid over belangwekkende zaken als de schrale sinaasappeloogst, tonijnproefwedstrijden, de Spaanse bureaucratie en niet te vergeten een overstroming die zijn boerderijtje van de wereld afsluit. De eerste drie delen zijn stuk voor stuk even weldadig (hier en hier besproken) en ook dit boek was weer een aangename ervaring. Chris is inmiddels in de zestig en zijn dochter Chloé vertrekt naar een naburige universiteit, dus even later wordt het afgelegen boerderijtje in de bergen alleen nog bevolkt door Chris en zijn Engelse vrouw Ana, plus een aantal honden en katten en een hoop schapen.