zondag 5 juli 2020

Black lives

James Baldwin,
If Beale Street Could Talk (VS 1974)
Roman, 197 pp.
Nederlandse titel: Als Beale Street kon praten


Het is wel droevig dat deze roman nog net zo actueel is als bijna een halve eeuw geleden, toen hij uit kwam. De Verenigde Staten hebben in de tussentijd een zwarte president gehad, maar voor de positie van het zwarte deel van de bevolking lijkt het weinig uitgehaald te hebben. Integendeel: voor sommige witte mensen (de huidige president voorop) heeft dit feit de haat voor zwarten alleen maar aangewakkerd, net zoals de emancipatie van de vrouw de misogynie van sommige mannen alleen maar erger heeft gemaakt. Hoe meer gelijkberechtiging, hoe ernstiger deze mensen zich bedreigd voelen, hoe harder ze om zich heen trappen. Het afstaan van macht en privileges aan anderen is nu eenmaal ontzettend moeilijk. Ik zie het zelf eerder als delen dan afstaan en dus prima, maar ik geloof dat dat voor sommigen precies hetzelfde is en daarom net zo gruwelijk en net zo bedreigend - iets waar je je met hand en tand tegen moet verzetten om je eigen voortbestaan niet in gevaar te brengen. Alle middelen zijn geoorloofd, maar daarvóór heb je jezelf er al van overtuigd dat die ander (de zwarte, de vrouw, de homo) minderwaardig is en dat het daarom noodzakelijk is dat die ander onder de duim gehouden moet worden. Je bewijst de samenleving een dienst. Je bestrijdt een groot gevaar.

zondag 28 juni 2020

Over verhalen

Waarom zijn mensen over de hele wereld al duizenden jaren dol op verhalen, en wat maakt een goed verhaal nou eigenlijk goed? Brian McDonald is een Amerikaanse scenarioschrijver en regisseur die zich in deze vragen heeft verdiept, maar dan niet op academische of elitaire wijze. Integendeel. Deze twee boeken zijn opvallend toegankelijk geschreven: aanstekelijk en inspirerend voor iedereen, ook voor mensen die helemaal niet van plan zijn zelf scripts te gaan schrijven, maar net zoals ik het gewoon interessant vinden om te ontdekken waarom bijvoorbeeld populaire films de aandacht zo goed weten vast te houden of wat het universele is van een sterk verhaal.

Eigenlijk betekent dat dus: interessant voor iedereen die dit blog leest 😉

zondag 21 juni 2020

Vikingen en Friezen

Marlies Stoter en Diane Spiekhout (red.)
Wij Vikingen: Friezen en Vikingen in het kustgebied
van de Lage Landen (Nl 2019)
Geschiedenis, 168 pp.


Wist je dat 'Viking" niet zozeer een zuivere aanduiding van etniciteit was maar meer een soort life style choice? Je hoefde echt niet van Scandinavische afkomst te zijn om Viking te worden. Ook inwoners van Frisia (in de vroege middeleeuwen het hele kustgebied van Groningen tot en met Zeeland, inclusief een tijd lang de stad Utrecht) sloten zich soms bij hen aan. Dat weten we onder andere door een Friese wet uit die tijd. Daarin staat dat je niet strafbaar was voor het plunderen en brandschatten als je door de Vikingen gevangen was genomen en onder dwang meedeed. Daaruit valt af te leiden dat er ook Friezen waren die zich vrijwillig hadden aangesloten. Ook waren lang niet alle Scandinaviërs met een schip plunderaars. Velen waren gewone kooplieden, die zich soms ook in onze gebieden vestigden. Veel van de cultuur was destijds gedeeld, want er waren nauwe contacten.

zondag 14 juni 2020

En ineens staan we midden in het jaar 1665

Daniel Defoe,
A Journal of the Plague Year (GB 1722)
Roman, 336 pp.
Niet in het Nederlands vertaald


Deze roman over de Londense pestepidemie van 1665 kende ik al een jaar of veertig, maar ik had hem nog nooit gelezen. En ik ben blij dat ik er mee heb gewacht, want allemachtig wat resoneerde dit verhaal ineens. Alles is plotseling herkenbaar, en alles is tegelijkertijd zóveel erger dat je er bijna een beetje van opknapt. Het begon net als hier. Waar wij steeds angstvalliger de dagelijkse aantallen van nieuwe ic-patiënten en overledenen gingen bijhouden, zo keken de Londenaren in 1665 met steeds meer angst en beven naar de wekelijkse cijfers van het aantal begrafenissen in hun parochie, een aantal dat maar bleef stijgen totdat niemand er meer om heen kon: de pest was onder hen.

zondag 7 juni 2020

Kasteeldame

Dodie Smith,
I Capture the Castle (GB 1949)
Roman, 351 pp.
Nederlandse titel: Cassandra


Wat voor beeld heb je hierbij: een meisje van zeventien dat in een kasteel woont. Middeleeuwen? Nee, het zijn de jaren dertig van de vorige eeuw. Aha, denk je dan, een heel rijk meisje. Nee, ook niet. De vader van Cassandra Mortmain huurt het kasteel, dat grotendeels een ruïne is, en heeft al jaren niet gewerkt, sinds een klein geweldsakkefietje waarvoor hij drie maanden in de bak heeft gezeten. O jee, een misdaadmilieu, denk je nu. Nee, weer niet. Cassandra's vader was ooit een gevierd schrijver die met een baanbrekend, experimenteel literair werk grote roem oogstte en goed kon leven van royalty's en lezingen in vooral Amerika. Maar na de dood van zijn vrouw droogde de inspiratie definitief op. Hij heeft nu wel weer een nieuwe vrouw, een naaktmodel genaamd Topaz, die maar een jaar of 6 ouder is dan zijn oudste dochter Rose, maar hij doet weinig meer dan in zijn eentje in het poortgebouw zitten en detectives lezen. Inmiddels zijn de royalty's zo goed als op en weten zijn vrouw en kinderen niet goed waar ze geld voor eten vandaan moeten halen. Toch is Cassandra gelukkig. Ze houdt van het kasteel, de ruïnes, de zolders, de torens, waar ze eindeloos in haar dagboek schrijft, omdat ze net als haar vader schrijver wil worden. Dit zijn de dagboeken van Cassandra.

vrijdag 29 mei 2020

Toen het Wilde Westen nog dinosauriërs had

Carys Davies,
West (VS 2018)
Roman, 161 pp.
In het Nederlands uitgebracht onder dezelfde titel


Tweehonderd jaar geleden bestonden de Verenigde Staten van Amerika uit niet meer dan een redelijk brede strook langs de oostkust. De "onbeschaafde" Indianen waren daar nog maar kort geleden weggejaagd, maar de enorme rest van de VS was nog wild en onbekend. Zo'n immens, grotendeels leeg continent nodigt uit tot ongebreidelde speculatie, want niks laat zich zo gemakkelijk opvullen door de fantasie en de verbeelding als het onbekende. Het Westen van Noord-Amerika is, zowel in de literatuur als in de verbeelding in het algemeen, al heel lang een symbool voor ongekende en onbegrensde mogelijkheden, voor dromen en verlangens. Dat Westen bestaat al lang niet meer, maar in de moderne Amerikaanse verbeelding leeft het idee nog steeds voort. In die verbeelding is het verworden tot een soort mythische vrijstaat waar de overheid niets te zeggen heeft, het dragen van vuurwapens niet alleen een mensenrecht maar zelfs een plicht is en de witte man de baas is over de gehele rest van de schepping, met name over vrouwen en niet-witte mensen.

zondag 24 mei 2020

Showtime!

J.B. Priestley,
The Good Companions (GB 1929)
Roman, 666 p..
Niet in het Nederlands vertaald
Herlezing


Bijna 40 jaar geleden las ik dit boek ook al eens, in een editie uit 1980 die was uitgebracht naar aanleiding van de zoveelste verfilming. Van de plot en de personages kon ik me gezien de tijdsspanne weinig meer herinneren, maar wel had het verhaal altijd een warm plekje in mijn hart gehouden. Ik had het een tijdje geleden als e-boek gekocht om te herlezen en nu leek me een heel geschikt moment om daar mee te beginnen. Zou ik het weer net zo leuk vinden? Zou ik weer net zo meeleven met de personages? Zou ik, nu ik veel kritischer lees, het verhaal nog net zo goed geschreven vinden? Ja, lezers! Ik kan met een  gerust hart stellen dat dit een klassieker is, die het nu nog net zo goed doet als in de jaren twintig toen de roman ook al een knots van een bestseller was.

donderdag 21 mei 2020

Er even helemaal tussenuit met Agatha en Jessica

Ik merk dat ik de laatste maanden niet in de stemming ben voor al te zware leeskost. Gek, hè? Het leven is momenteel al zwaar genoeg, zelfs als je werk lekker doorgaat, je in een ruim huis met thuis woont, in een prachtige provincie met relatief weinig coronagevallen en veel ruimte om in alle rust te wandelen en te fietsen. Het zijn moeilijk en deprimerende tijden, voor iedereen. Normaal gesproken was ik deze maand op reis geweest naar de Azoren, maar dat ging natuurlijk niet door. Dan moet je dus iets anders. Gelukkig had ik nog niet zo lang geleden twee hele leuke memoires cadeau gekregen waarmee ik er even fijn tussen uit kon. Twee totaal verschillende boeken, maar allebei charmant, prettig lichtvoetig én interessant genoeg om de aandacht moeiteloos vast te houden.

zondag 17 mei 2020

Geduld voor de liefde

Ha Jin,
Waiting (China, 1999)
Roman, 320 pp.
Nederlandse titel: Wachten


Als je uitgekeken bent op alweer zo'n relatieroman, maar toch wel gefascineerd bent door liefdesverhalen, dan is dit weer eens iets heel anders - heel, heel anders. Uiteindelijk draait het ook hier om de vraag 'krijgen ze elkaar?' maar omdat dit boek in communistisch China speelt, zijn er volstrekt andere hindernissen te overwinnen dan in een verhaal uit het Westen, en het eindigt ook nog eens volkomen anders dan je zou verwachten. Grootse passie komt er niet aan te pas. Het gaat over het kleine, het dagelijkse, het saaie en over geduld, veel geduld.

woensdag 6 mei 2020

Het leven van een taal

Nicoline van der Sijs,
15 eeuwen Nederlandse taal (Nl 2019)
Taalkunde, 256 pp.


Lang geleden, ergens in het derde millennium voor onze jaartelling, trok een groep nomadische veehoeders vanuit de Russische steppes westwaards naar Europa. Mogelijk had de droogte door klimaatverandering in hun thuisland er iets mee te maken, of de pestepidemie die toen woedde. In ieder geval trokken ze het toen nog dunbevolkte Europa binnen en mede dankzij twee in Europa geheel onbekende nieuwigheden, namelijk paarden en wagens, waren de migranten zo succesvol dat de oorspronkelijke bewoners massaal hun taal overnamen. Hoe die taal heette weten we niet, maar we noemen hem nu Proto-Indo-Europees, en het is de voorloper van bijna alle huidige Europese talen, waaronder het Nederlands. Wat onze voorouders vóór die tijd spraken weten we niet, maar her en der in onze taal schemeren als geesten uit een heel ver verleden nog woorden door uit die taal. De nieuwkomers deden, in tegenstelling tot de meeste Europeanen destijds, namelijk niet aan landbouw en daarom behielden onze voorouders bepaalde landbouwgerelateerde termen uit hun eigen taal. Sta daar eens bij stil als je het over eenvoudige dingen als boon, erwt, noot en geit hebt. Of over vissen als baars en brasem en planten als bies en dille. Al die woorden zijn pre-Indo-Europees.

Dat vind ik het fascinerende aan historische taalkunde: het legt een stukje levende geschiedenis bloot.