zondag 14 februari 2010

Hoe wordt men een dichter?

J.M. Coetzee,
Youth (Zuid-Afrika 2002)
Roman, 169 pp.
ISBN 9780099452041
13 februari 2010


Zoals vaste lezers zullen weten, was ik erg getroffen door Boyhood, het eerste deel uit de autobiografische romanreeks van Coetzee. Dit deel, Youth, had ik al veel langer in huis en dus kon ik lekker snel door met het vervolg. We hebben de middelbare schooltijd van John overgeslagen en gaan meteen door naar de universiteit, waar John wiskunde studeert en spaart om naar Engeland te ontsnappen, waar hij zich in het ware leven gaat storten en dichter gaat worden. Afzien is zijn doel, want op een andere manier kun je geen dichter worden:
[...] he would not dream of going into therapy. The goal of therapy is to make one happy. What is the point of that? Happy people are not interesting. Better to accept the burden of unhappiness and try to turn it into something worthwhile, poetry or music or painting: that is what he believes. (p. 14)
John is een kei in ongelukkig zijn. Eenmaal in London neemt hij een geestdodende, uitputtende baan als computerprogrammeur bij IBM en rolt hij in halfslachtige affaires met vrouwen waar hij niks voor voelt. Maar de liefde is een essentieel deel van het leven van een poëet. Zonder die allestransformerende liefde zal hij nooit een dichter worden; zo werkt het nu eenmaal.


His hope is that from the featureless crowds amidst which he moves there will emerge a woman who will respond to his glance, glide wordlessly to his side, return with him (still wordless - what could their first word be? - it is unimaginable) to his bedsitter, make love to him, vanish into the darkness, reappear the next night (he will be sitting over his books, there will be a tap at the door), again embrace him, again, on the stroke of midnight, vanish, and so forth, thereby transforming his life and releasing a torrent of pent-up verse on the pattern of Rilke's Sonnets to Orpeus. (p. 52)
John is een een wereldvreemde jongeman, zonder sociale vaardigheden, maar met een sterk sociaal bewustzijn; hij schaamt zich diep voor wat de blanken in zijn land de zwarten en kleurlingen aandoen. Hij is afstandelijk, geremd en hard voor zichzelf. De schrijfstijl is dezelfde als die in Boyhood: derde persoon enkelvoud, tegenwoordige tijd, laconiek, zonder enige sentimentaliteit, bijna klinisch afstandelijk.

Het stereotype beeld van de dichter waar John zo graag met al zijn hart aan wil voldoen werkt regelmatig aandoenlijk, vanwege de grote discrepantie tussen Johns romantische beeld van een poëet en de realiteit. Hij is zich ervan bewust dat hij veel te braaf en te bangelijk is om op een zolkerkamertje opium te schuiven.

Opium and alcohol are not his way, he is too frightened of what they might do to his health. But are exhaustion and misery not capable of performing the same work? Is living on the brink of psychic collapse not as good a thing as living on the brink of madness? Why is it a greater sacrifice, a greater extinction of personality, to hide out in a garret room on the Left Bank for which you have not paid the rent, or wander from café to café, bearded, unwashed, smelly, bumming drinks from friends, than to dress in a black suit and do soul-destroying office-work and submit to either loneliness unto death or sex without desire? Surely absinthe and tattered clothes are old-fahioned by now. And what is heroic, anyway, about cheating a landlord out of his rent? (p. 59)
En om die laatste zin houd ik van John. Hij is fatsoenlijk en eerlijk.

Uiteindelijk vond ik ook dit weer een zeer aangrijpende roman, die deze keer niet ging over een kind dat de wereld om hem heen probeert te begrijpen, maar over een eenzame jongeman die zichzelf probeert te begrijpen en alles over heeft voor de Kunst.
Het wachten is nu op de paperbackuitgave van Summertime, het vervolg op dit boek.

In het Nederlands gepubliceerd als Portret van een jongeman.

2 opmerkingen:

  1. Hoi Anna, zojuist heb ik "Portret van een jongeman" uitgelezen. Evenals van het eerste deel heb ik hier ook zeer van genoten. Morgen ga ik "Zomertijd" ophalen bij de bibliotheek. Ik kan nu al zeggen dat deze twee delen zeer hoog staan op mijn lijst van favoriete romans. Groetjes, Erik

    BeantwoordenVerwijderen