vrijdag 15 april 2011

Nepal: door rododendronwouden de Annapurna rond

Al jaren wilde ik een trektocht in Nepal maken, maar dat kan vanwege de natte moesson niet in de maanden juli en augustus - de enige periode dat het op mijn werk relatief rustig is. Begin 2011 heb ik echter de knoop doorgehakt en toch maar besloten een korte reis in het voorjaar te doen. Wachten tot ik ooit met pensioen mag, leek me geen optie. Wie weet moet je straks wel doorwerken tot je er bij neervalt. En zo maakte ik in he voorjaar van 2011 een schitterende trektocht in de buurt van de Annapurna en de Macchapuchhare, voor het overgrote deel langs een route waar op dat moment nog maar heel weinig toeristen kwamen. Reisgegevens

Periode: maart-april 2011
Soort reis: trektocht door het hooggebergte
Organisatie: Sawadee
Accommodatiehotels in Kathmandu en Pokhara; eenvoudige berghutten op de trektocht
BezochtKathmandu, Pokhara; gebied rond Annapurna en Dhaulagiri Massief
Weerlekker warm in Kathmandu en Pokhara; in de bergen aangenaam wandelweer, maar later op de middag wel steeds neerslag (ongewoon voor de tijd van het jaar) en koude nachten (soms met vorst).
De Machhapucchare (Fish Tail) bij zonsopkomst
Heilige bergen 

Hoewel ik gezien mijn naam al heel lang geïntrigeerd ben door de Annapurna (ik heb altijd een beetje een gevoel van verwantschap gehad), werd de Macchapuchhare (spreek uit Mátsjapóetsjre) onmiddellijk mijn lievelingsberg. Het is namelijk de oerberg zoals elk kind die graag tekent, met een overduidelijke spitse top en dan ook nog eens met twee punten. Hij is op 7 meter na 7 kilometer hoog en heilig, want gewijd aan de god Shiva en mag daarom niet beklommen worden. Ook dat laatste spreekt me aan. Waarom moet een berg altijd maar 'bedwongen' worden? Laat hem met rust en bewonder hem op gepaste afstand, zou ik zeggen. De Annapurna (ruim 8 kilometer hoog) mag wel beklommen worden, maar is volgens Wikipedia de gevaarlijkste berg ter wereld, als je de verhouding fatale ongelukken afzet tegen het aantal beklimmingen naar de top. Wij kwamen tijdens deze reis niet hoger dan ruim 3600 m. en hebben vooral vol bewondering gekeken naar die hoge toppen om ons heen.

De rododendronbomen zijn net begonnen te bloeien
Bloeiende rododendronbomen

Mijn motivatie om in het voorjaar te gaan en niet in het najaar werd vooral ingegeven door de rododendrons die eind maart beginnen te bloeien. Ik ben dol op rodo's, en hele bossen vol daarmee ... dat wou ik graag zien. De eerste wandeldag ontwaarden we slechts één bloeiende rododendronboom, en omdat dat onze eerste was, raakten we onmiddellijk een beetje overstuur van al die rode bloesems. Daarna kwamen er steeds meer, ook in het dieproze, maar het bleef een oogstrelend gezicht. Verder bloeiden nog allerlei andere bomen en struiken, waarvan één over een grote afstand een verrukkelijke geur verspreidde - alsof je door een heel exquise parfum wandelde, eentje waar geen Chanel tegen op kan. De bossen op deze berghellingen zijn sowieso prachtig weelderig. Zo nu en dan liepen we in de mist en dat maakte ze alleen maar sfeervoller en mysterieuzer.
Ezelkaravaan op trappenpad
Het begin en het eind van de tocht ging over een veel belopen route en bestond uit ruwe trappen: dat is zonder meer fijn met dalen, maar het stijgen werd er wel stukken zwaarder van. Ik ben met mijn hardloopconditie verzot op naar boven lopen, maar dit was op den duur toch wel flink afzien. De rest van de trektocht gingen we gelukkig door een veel afgelegener gebied en daar hadden we gewone, goed begaanbare berg- en bospaadjes, waar het wandelen één groot genot was. De beloofde apen hebben we onderweg geen enkele keer kunnen ontdekken, maar vooruit: daar waren we in Kathmandu al op getrakteerd in de apentempel, een groot tempelcomplex hoog op een heuvel, met een boeddhistische stoepa, tempels, gebedsvlaggetjes én apen (hieronder).

De apentempel in Kathmandu (Swayambunath Stoepa)
Kathmandu

De hoofdstad van Nepal is rommelig, lawaaierig en chaotisch, maar ook kleurrijk, fascinerend en exotisch. Naast afbrokkelende huizen, stoepen vol gaten en straten zonder verlichting tref je er prachtige tempels aan en is er Durbar Square, het eeuwenoude Koningsplein met zijn pagodes en andere bezienswaardigheden - van heilige mannen, monniken met mondkapjes en een levendegodin tot beschilderde fietstaxi's. Boeddhisme en Hindoeïsme lopen aangenaam door elkaar heen, wat een deel van de charme van de stad is.
Links: heilige mannen (sadhu's). Rechts één van de ontelbare fraaie  fietstaxi's

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen