zondag 5 februari 2012

Een tegendraadse intellectueel

Tony Judt,
The Memory Chalet (GB 2010)
Mémoires, essays, 240 pp.
ISBN 9781446409343, Random House
26 januari 2012


Een paar jaar geleden kreeg Tony Judt, historicus en auteur van het bejubelde Postwar, zijn doodvonnis: hij bleek de verwoestende ziekte A.L.S. te hebben en zou niet lang meer leven. Pijn zou hij niet  lijden, maar wel zou stukje bij beetje zijn lichaam steeds verder verlamd raken totdat ook zijn ademhaling het zou begeven. Zijn brein zou echter intact blijven. Fysiek volledig hulpeloos en met niet anders te doen dan bewegingsloos liggen of zitten begon hij de stukjes in deze bundel te dicteren. Volgens de techniek van het 'geheugenpaleis', waarbij herinneringen geordend en vastgehouden worden door ze een vaste en logische plaats in een imaginair paleis te geven, keek Judt terug op zijn leven en gaf alles een plekje in een 'geheugenchalet', een eigen benaming die werd geïnspireerd door het hotel in de Alpen waar hij in zijn jeugd met zijn ouders op vakantie ging.

Impressionistisch effect
Aanvankelijk waren de stukjes alleen voor eigen gebruik bedoeld, maar gelukkig liet Judt zich overhalen om ze te laten publiceren. Veel van de essays (of misschien wel alle, dat weet ik niet zeker) werden in losse vorm en willekeurige volgorde al eerder in The New York Review of Books geplaatst, maar hier zijn ze in een chronologische volgorde gezet die Judts leven volgt: van vroegste herinneringen aan zijn jeugd in een Londense buitenwijk tot zijn latere jaren als hoogleraar in New York, waar hij in 2010 overleed. Dit werkt wonderwel goed. De afzonderlijke essays hebben, hoewel ze steeds over iets anders gaan, een samenhang die ze tot meer maken dan slechts de som van het geheel.

Met uitzondering van de inleidende essays en de epiloog volgen de meeste losjes het stramien waarbij Judt een herinnering opduikt, deze uitdiept en naar aanleiding ervan komt tot meer algemene en altijd zeer boeiende beschouwingen. De essays hebben daarmee een eigen, hybride vorm of zoals Judt het zelf veel beter zegt: "Their value rests on an essentially impressionistic effect: the success with which I have related and interwoven the private and the public, the reasoned and the intuited, the recalled and the felt."

Hekel aan ideologieën
Judt werd geboren in 1948 in Londen als de zoon van ouders met een Oosteuropese Joodse achtergrond en kon dankzij een beurs naar een uitstekende middelbare school. Na een omweg via een kibboets in Israël kwam hij uiteindelijk op de Universiteit van Cambridge terecht, studeerde een jaar in Parijs en schreef een proefschrift, waarna een wetenschappelijke carrière begon aan verschillende universiteiten in de UK en de VS. Aldus een heel leven in een (saaie) notendop. Gelukkig is Judt zelf een heel wat betere verteller. Hij verhaalt over de komisch-doorgeslagen liefde van zijn vader voor auto's in de jaren vijftig, over zijn eigen liefde voor treinen (totdat de mobiele telefoon zijn intrede deed), over zijn belevenissen in de zionistisch-socialistische jeugdbeweging waar hij een hekel kreeg aan ideologieën, de revolutie van 1968 in Parijs ('overschat'), politieke correctheid aan Amerikaanse universiteiten en refereert slechts zo nu en dan kort aan de ziekte die zijn levendige geest heeft opgesloten in een lichaam dat niet meer meewerkt en dat hem elke nacht dwingt om geheel bewegingloos vele uren in bed te liggen ("Loss is loss, and nothing is gained by calling it by a nicer name. My nights are intriguing; but I could do without them.")

Babyboomers
Wat de essays vooral heel goed doen, is een tijdsbeeld geven, in dit geval een tijdsbeeld van de babyboomgeneratie. Judt was weliswaar een tegendraadse intellectueel en daarmee wellicht niet helemaal een gemiddelde babyboomer, maar je krijgt wel een goed beeld van de veranderingen die deze generatie meemaakte. Daarbij spaart Judt zichzelf en zijn leeftijdsgenoten niet. Ze groeiden op in een naoorlogs Engeland waar overal tekort aan was en waarbij soberheid tot een deugd werd verheven ("austerity was not just an economic condition: it aspired to a public ethic") tot een generatie die zijn identiteit vrijwel uitsluitend nog ontleent aan 'lifestyle, dat wil zeggen aan wat men consumeert. Judt zegt daarover:
This impoverished view of community—the “togetherness” of consumption—is all we deserve from those who now govern us. If we want better rulers, we must learn to ask more from them and less for ourselves. A little austerity might be in order.
Het laatste toevluchtsoord van de schoft
Wat betreft zijn eigen identeit, stelt Judt dat hij zich het beste thuis voelt op plekken waar verschillende bevolkings- en sociale groepen dicht bij elkaar wonen en tegen elkaar aan schuren - reden waarom hij graag in New York woont en waarom patriotisme (de hoogste deugd voor veel Amerikanen) hem buitengewoon achterdochtig maakt: "more than two centuries after Samuel Johnson first made the point, patriotism—as anyone who passed the last decade in America can testify—is still the last refuge of the scoundrel." Zijn Joodse identiteit betekent voor hem in de eerste plaats "a sensibility of collective self-questioning and uncomfortable truth-telling" en vooral geen orthodoxie of zelfmedelijden.

Judt paste nooit goed in hokje. Hoewel hij politiek gezien aan de linkerkant stond, had hij altijd zijn eigen ideeën die hem voor de meer rechtlijnige geestverwanten verdacht en ongrijpbaar maakten.
Today, as a “public intellectual” (itself an unhelpful label), I am associated with whatever remains of the left. But within the university, many colleagues look upon me as a reactionary dinosaur. Understandably so: I teach the textual legacy of long-dead Europeans; have little tolerance for “self-expression” as a substitute for clarity; regard effort as a poor substitute for achievement; treat my discipline as dependent in the first instance upon facts, not “theory”; and view with skepticism much that passes for historical scholarship today. By prevailing academic mores, I am incorrigibly conservative. So which is it?
Het stemt me droevig dat deze intelligente en onafhankelijke intellectueel in 2010 zijn laatste stukjes dicteerde. Ik had graag meer van zijn boeiende herinneringen en observaties gelezen.
_______________
Voor wie nieuwsgierig is geworden: hier is een mooi voorbeeld van één van de essays uit het boek.

In het Nederlands uitgebracht onder de titel De geheugenhut.

PS Aarzel om niet om je eigen commentaar toe te voegen. Ik stel het zeer op prijs als mensen de moeite nemen om reacties of aanvullingen te plaatsen!

8 opmerkingen:

  1. Hallo Anna,

    Al geruime tijd lees ik met veel interesse je blog. Nu dan eindelijk de tijd genomen om eens een reactie te schrijven. Ik heb indertijd deze stukken van Judt gelezen toen ze oorspronkelijk in de New York Review of Books werden gepubliceerd. Ik was toen, net zoals jij beschrijft, onder de indruk van het tijdsbeeld wat deze stukken schetsen. Misschien moet ik toch ook maar dit boek aanschaffen om de stukken nog een keer te herlezen in de juiste chronologische volgorde, want dat zijn ze zeker waard. Overigens heb ik hier bij mij in de kast ook nog ongelezen Postwar van zijn hand staan. Daar ben ik helaas nog niet aan toegekomen, maar dat moet er binnenkort toch echt een keer van komen.

    Groet,
    Jeroen

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hee Anna,

    lijkt me een absolute aanrader, ik ben sowieso een liefhebber van essays. Het linkje naar het voorbeeld werkt niet, ik ben wel benieuwd namelijk ;-)

    BeantwoordenVerwijderen
  3. @Koen. Je moet het eerste stuk van de link tot de tweede http verwijderen. Dan werkt de link wel.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Hallo Jeroen, welkom hier! Goed om nog een liefhebber van deze essays tegen te komen. Ik kan je de collectie zeker aanraden, omdat je door de essays in de volgorde van Judts leven te lezen toch iets extra's mee krijgt. De essays worden samen een verhaal.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Sorry voor de foute link, Koen. Ik heb hem inmiddels aangepast. Deze essays lijken me echt wat voor jou. Als je laatst ingestelde verkoopstop weer afloopt, zou ik zeker overwegen om de bundel te kopen.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Mooi stuk, het boek gaat toch maar op de lijst ;-)

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Hoi Anna, ik ben een groot fan van Judt's boek "Na de oorlog". Zijn boek met memoires lijkt me na het lezen van jouw stukje ook erg interessant.

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Hoi Erik, er is zelfs een Nederlandse vertaling (De geheugenhut), dus wat let je ;)

    BeantwoordenVerwijderen