donderdag 27 januari 2011

Zo voelt het om plotseling in slavernij te leven

Octavia Butler,
Kindred (VS 1979)
Roman, 264 pp.
ISBN 9780807083055, Beacon Press
22 januari 2011


Dat hakt er wel in, zo'n openingszin: "I lost an arm on my last trip home. My left arm."  Maar dit is dan ook een boek over slavernij (zelfs al is de hoofdpersoon iemand uit onze eigen tijd) en boeken over slavernij hakken er nu eenmaal in. Olivia Butler is een Afro-Amerikaanse sciencefictionschrijver die in dit boek voor een originele benadering heeft gekozen. Haar ik-figuur Dana is een zwarte jonge vrouw getrouwd met een blanke man, die op een dag zonder enige aanleiding duizelig wordt en zich plotseling in het zuiden van de VS in de vroege negentiende eeuw bevindt, waar een roodharig jongetje in levensgevaar verkeert. Ze redt het jongetje en keert net zo onverwacht terug naar haar eigen tijd en plaats, zodra ze zelf in levensgevaar komt te verkeren. Helaas is dit niet haar enige uitstapje naar het verleden.

Het jongetje, Rufus Weylin, blijkt een voorouder van Dana te zijn, die bij de zwarte Alice Greenwood Dana's overgrootmoeder Hagar zal verwekken, zoals Dana zich realiseert als ze de namen van de mensen die ze in het verleden tegenkomt herkent als de namen die Hagar lang geleden in de familiebijbel optekende. Rufus is een brokkenpiloot en een ruziezoeker die zichzelf voortdurend in levensgevaarlijke situaties manoeuvreert. Dana's rol in dit alles lijkt er in te bestaan dat ze er voor moet zorgen dat hij lang genoeg in leven blijft om te bewerkstelligen dat Hagar veilig en wel geboren wordt. Dana wordt meerdere keren wreed naar het verleden teruggetrokken en wordt elke keer langer en dieper in het leven daar ondergedompeld. Omdat ze een zwarte vrouw is zonder papieren waaruit blijkt dat ze de vrije status heeft, wordt ze gedwongen om als slaaf van Rufus' vader te leven - totdat ze weer terug kan keren naar haar eigen tijd.

Hoewel tijdreizen een typisch sf-element is en Butler een sf-schrijver is, zou ik dit zeker geen science-fiction noemen. Het letterlijk heen en weer geslingerd worden in de tijd is hier een gegeven dat verder niet uitgelegd wordt en dat niet meer is dan een instrument om een eigentijdse vrouw (en daarmee de lezer) aan den lijve te laten ervaren hoe het voelt om plotseling je vrijheid kwijt te zijn en te behandeld worden als bezit, als een stuk vee, als een object dat nauwelijks nog als mens wordt gezien. Butler heeft in de allereerste plaats opvoedkundige bedoelingen met dit boek, geen literaire. Je leest het niet voor het verfijnde proza of de subtiele karakternuances, want die biedt het boek niet. Wat het wel biedt is een krachtig verhaal dat je als lezer keer op keer meesleurt in de pijn en angst die Dana ondergaat en in het inzicht dat ze verkrijgt in de levens van zwarte slaven destijds.

Bijvoorbeeld het inzicht dat het heel gemakkelijk is om met de zweep gehoorzaamheid en onderworpenheid af te dwingen, zelfs in een onafhankelijke jonge vrouw uit het California van 1976. Of het inzicht dat afranselingen helemaal niet nodig zijn om mensen inhumaan te behandelen. Als de blanke Kevin, die ook een keer meegesleurd wordt, opmerkt dat het wel een beetje meevalt: "...this place isn't what I would have imagined. No overseer. No more work than the people can manage . . . ", reageert Dana furieus:
". . no decent housing," I cut in. "Dirt floors to sleep on, food so inadequate they'd all be sick if they didn't keep gardens in what's supposed to be their leisure time and steal from the cookhouse when Sarah lets them. And no rights and the possibility of being mistreated or sold away from their families for any reason - or no reason. Kevin, you don't have to beat people to treat them brutally." 
Ook wordt het Dana duidelijk dat de verhouding tussen slaven en eigenaren complex en verwrongen waren. Hier beschrijft ze hoe de slaven op de Weylinplantage tegen Rufus aankijken, die inmiddels is opgegroeid tot volwassene en de rol van eigenaar heeft overgenomen van zijn vader:
Strangely, they seemed to like him, hold him in contempt, and fear him all at the same time. This confused me because I felt just about the same mixture of emotions for him myself. I had thought my feelings were complicated because he and I had such a strange relationship. But then, slavery of any kind fostered strange relationships.
Zoals ik al meldde, is dit een boek dat er in hakt en niet één waar je nou heel erg opgewekt van wordt. Butler ramt de boodschap er zonder overdreven veel subtiliteit in. Maar het verhaal is ook meeslepend geschreven, spannend; het soort dat je nog lang bijblijft. En zoals Butler zelf zei in een interview over dit boek naar aanleiding van de wijze waarop ze Dana uiteindelijk terug laat keren (met een afgerukte linkerarm):
"I couldn't let her return to what she was, I couldn't let her come back whole and that, I think, really symbolizes her not coming back whole. Antebellum slavery didn't leave people quite whole."

Geen opmerkingen:

Een reactie posten