vrijdag 13 juni 2014

Een hernieuwde kennismaking

George Eliot,
Middlemarch: A Study of Provincial Life (1871-2)
Roman, 743 pp.
Gratis te downloaden als e-boek (hier)
In het Nederlands verkrijgbaar als Middlemarch
3 juni 2014 (herlezen)


We smullen allemaal van kostuumdrama. Als de BBC weer eens een negentiende-eeuwse klassieker heeft bewerkt tot een oogstrelende en pakkende tv-serie zitten we genietend voor de buis. Maar zo'n dikke pil lezen.... Dat is toch wat anders. Het taalgebruik is 'raar' en we zijn er stiekem van overtuigd dat het boek, in tegenstelling tot de tv-serie, niet alleen traag maar vooral moeilijk is. Trager is het zeker, maar dat geldt zo ongeveer voor alle originelen die voor de buis of het witte doek zijn bewerkt. Er is flink geschrapt, en er zijn beschrijvingen, bijfiguren en gebeurtenissen weggelaten, omdat zo'n productie anders niet alleen veel te duur wordt, maar ook de aandacht van de ongeduldige kijker te gemakkelijk af gaat dwalen. Maar moeilijk? Toegegeven, het taalgebruik is inderdaad even wennen, maar verder valt het met dat 'moeilijk' in de meeste gevallen nogal mee.

Kassabon, Dorothea en Will in de BBC-serie uit 1994
Toen ik dit boek als eerstejaars student Engels voor het eerst las (rond 1977) was ik nog niet verwend met mooie kostuumdrama's. Middlemarch was samen met the usual suspects van de Brontës, Austen en Dickens een verplicht nummer en dus begon ik er niet in de eerste plaats aan om onderhouden te worden ('ge-entertained' zoals we nu zouden zeggen), maar als onderdeel van mijn studieprogramma. Grondig lezen dus en stoef doorgaan tot het einde. Maar zoals bij bijna alle negentiende-eeuwse klassiekers die we lazen, had het verhaal me al gauw in de greep en wilde ik weten hoe het zou aflopen met de jonge Dorothea Brooke en de Eerwaarde Casaubon (door ons oneerbiedig 'Kassabon' genoemd); of de idealistische dokter Lydgate stand zou kunnen houden; met wie de verwende Rosamund Vincy en haar niet-deugende broer Fred zouden trouwen; aan wie de ouwe sadist Featherstone zijn fortuin na ging laten; of de schijnheilige bankier Bulstrode zijn trekken nog thuis zou krijgen, en natuurlijk wat er moest worden van de razend interessante maar doelloze Will Ladislaw.

Bij mijn herlezing na zoveel jaren werd ik tot mijn aangename verrassing al snel wéér meegesleept door de lotgevallen van al die personages, zelfs al wist ik precies hoe het met ze zou aflopen, wat iets zegt over de kracht en de tijdloosheid van het verhaal. Het geeft ook aan dat het over veel meer gaat dan 'wie krijgt wie?' en 'wie wordt wat?'. Keuzes maken, of het nu om een loopbaan gaat of een huwelijkspartner, is altijd moeilijk en Eliot spaart haar personages wat dat betreft niet, want ook in het echte leven is een foute keus gauw gemaakt. Eliot laat haar personages volop fouten maken. Het interessante is om te zien hoe ze daarmee omgaan en of ze weer overeind weten te krabbelen. De beide voornaamste plots draaien om twee idealistische jonge mensen, die in hun onervarenheid weleens verkeerd terecht zouden kunnen komen.

De mooie Dorothea Brooke is negentien, een wees uit een rijke familie van landadel, en verlangt vol passie naar eruditie en naar een hoger leven waarin ze 'goed' kan doen. De mogelijkheden daarvoor waren bedroevend  mager voor een dame uit de gegoede kringen destijds (het boek speelt rond 1830) en beperkten zich eigenlijk tot het vinden van een huwelijkspartner die die idealen zou kunnen vervullen. Dorothea wil daarom niets liever dan zich dienstbaar maken aan de veel oudere geestelijke Edward Casaubon die al jaren bezig is met een buitengewoon geleerd werk, en die met zijn verslechterende gezichtsvermogen wel een hulpvaardige echtgenote kan gebruiken die het geen probleem zich volledig dienstbaar te maken aan haar man - in die tijd een heel normaal vereiste. Dorothea is naïef, Casaubon een droogkloot ("He has got no good red blood in his body," said Sir James. "No. Somebody put a drop under a magnifying-glass and it was all semicolons and parentheses," said Mrs. Cadwallader) en iedereen houdt zijn hart vast als de twee toenadering tot elkaar zoeken. Doodzonde van zo iemand als Dorothea!

Dr. Lydgate aan de scharrel met de
allerbeeldigste Rosamund Vincy
Tegelijkertijd is daar de jonge dokter Tertius Lydgate, die ervan droomt zijn leven in het dienst van de wetenschap te stellen en daartoe de kans krijgt in het nieuwe hospitaal in Middlemarch, dat gefinancierd wordt door de vrome bankier Bulstrode. Een huwelijk kan hij zij zich vooralsnog niet veroorloven (eerst een praktijk opbouwen), maar een aangename flirt met de uiterst lieflijke burgemeestersdochter moet kunnen natuurlijk. Vrouwen zijn er om lief en decoratief te zijn, in zijn opvatting (Plain women he regarded as he did the other severe facts of life, to be faced with philosophy and investigated by science.), een opvatting die zijn achilleshiel zal blijken te zijn en mogelijk zelfs zijn ondergang zal betekenen - maar dat is nog even afwachten.

Er is naast deze twee een rijk geschakeerd scala aan personages in en rond het stadje Middlemarch, wier levens Eliot in dit verhaal allemaal in meer of mindere mate met elkaar verweeft. De meesten horen thuis in de gegoede middenklasse, maar er worden ook zo nu en dan lieden uit de lagere klassen opgevoerd die als een soort komisch Grieks koor in de kroeg of op het marktplein commentaar leveren op het gegoede volkje. Op de achtergrond rommelt bovendien de maatschappelijk agitatie die het Victoriaanse tijdperk in zou luiden. Er worden spoorlijnen aangelegd, het kiesstelsel wordt hervormd in het nadeel van de gevestigde adel en er is economische onrust.

Middlemarch is een boek vol van het leven en vol met levenswijsheid. Eliot is een didacticus, maar niet op een hinderlijke manier. Ze houdt van al haar personages en heeft zelfs mededogen met de impopulaire en weinig sympathieke Casaubon en Bulstrode, die ze in de eerste plaats neerzet als mensen met gebreken - iets wat we allemaal zijn. Toen ik het boek voor het eerst las, was ik net zo oud als Dorothea Brooke en net als haar naïef en onervaren. Nu ben ik inmiddels al ouder dan Casaubon en iets minder naïef en onervaren, en kan ik gemakkelijker de valkuilen zien die Eliot voor haar personages graaft, en hoe ze hen er al dan niet in laat vallen. Ik heb nog meer genoten van deze geweldige roman met zijn tijdloze menselijke drama's en dilemma's dan destijds en denk eigenlijk dat ik hem over een jaar of twintig nog een keer moet lezen. Er valt eindeloos veel te vertellen over dit boek en over de mensen erin en over de schrijfstijl van Eliot, en als ik mij na mijn pension nog eens mocht komen te vervelen, dan ga ik lekker Middlemarch uitpluizen en daar over schrijven. Het is zonder twijfel één van de rijkste romans uit de negentiende eeuw.
___________________________
PS Ik heb ook de BBC-serie uit 1994 weer opnieuw bekeken. Een echte aanrader, vooral vanwege de fantastische rolbezetting. Dorothea is precies zoals ik haar in gedachten had. Casaubon had ik me heel anders voorgesteld, maar toen ik een paar minuten Patrick Malahide in die rol had gezien, wist ik meteen dat dít de juiste Casaubon was. En Will Ladislaw is in het boek nadrukkelijk blond, maar wie kan er nu niet gecharmeerd raken van de donkere krullen van Rufus Sewell in die rol?

PS Aarzel om niet om je eigen commentaar toe te voegen. Ik stel het zeer op prijs als mensen de moeite nemen om reacties of aanvullingen te plaatsen! Heb je dit boek besproken op je eigen blog? Plaats dan s.v.p. een link bij de reacties.

11 opmerkingen:

  1. Hoi Anna, na het lezen van je recensie ben ik er wel van overtuigd dat ik dit boek zelf ook moet lezen. Je enthousiasme spat van de recensie af! Op de een of andere manier is deze roman nooit in mijn blikveld terecht gekomen. Ik ben van plan om de vertaling in de "Gouden reeks" van Athenaeum, Van Gennep en Polak te lezen. Groetjes, Erik

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Joke leest momenteel een recente vertaling van het boek. Ik weet niet of dat dezelfde is als die jij op het oog hebt, maar zij vindt hem in ieder geval zeer goed.

      Verwijderen
    2. Ik heb inderdaad de vertaling waar Erik op doelt, die in de Gouden Reeks. Ja prachtig is die hoor!

      Verwijderen
  2. Wat schrijf je toch heerlijk over boeken Anna :)
    Weer met een fijn gevoel je blogpost gelezen!

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt voor je reactie, Luna. Altijd leuk om lezers een fijn gevoel te bezorgen!

      Verwijderen
  3. Ik sluit mij aan bij Erik, fijne recensie en het boek gaat onverbiddelijk op de lijst. Als ik zelf even niet kijk koop ik hem stiekem toch...

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Uitstekende tactiek, Koen. Die ga ik ook volgen.

      Verwijderen
  4. dit boek heb ik minstens tien keer gelezen en ik zal het zeker nog vaker doen.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik kan me dat nu helemaal voorstellen, Bertie. Dit is een boek dat ongelooflijk veel te bieden heeft en waar je volgens mij steeds weer nieuwe dingen in ontdekt.

      Verwijderen
  5. Ik weet nog dat ik als 19-jarige volledig afhaakte door de - naar mijn gevoel - ellenlange beschrijvingen van de ontwikkeling van de spoorwegen die parallel liep met de ontwikkeling van Dorothea en Will. Misschien is dit idd zo'n roman die je pas later in je leven moet lezen. Hij staat nog op de plank ( maar dan misschien eerst de serie, met een nog piepjonge Sewell).

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dat is echt heel apart, Liliane, want ik heb er n.a.v. je eerdere opmerking speciaal op gelet tijdens het lezen, maar er komt amper iets voor over de spoorwegen. Er is op een bepaald een moment een klein opstootje van landarbeiders die landmeters van het spoorbedrijf aanvallen, maar dat is het wel. En de industriële revolutie speelt ook een uiterst marginale rol.
      Soms heb je na jaren een boek heel anders in je hoofd opgeslagen dan het werkelijk is. Het overkomt mij ook wel eens ;-)

      Verwijderen