woensdag 8 oktober 2014

Het einde van een tijdperk

Eric H. Cline,
1177 B.C.: The Year Civilization Collapsed (VS 2014)
Geschiedenis, 265 pp.
Niet in het Nederlands verkrijgbaar
3 oktober 2014


Turkije staat op instorten, het vasteland van Griekenland heeft te kampen met grote problemen, net als Kreta en Cyprus. Een rijke havenstad in het noorden van Syrië is platgebrand. Israël heeft problemen met agressieve immigranten van overzee en in Irak rommelt het. Alleen Egypte weet zich nog redelijk staande te houden, nadat het een invasie op beslissende wijze heeft weten af te slaan. Een visioen van de nabije toekomst van het Midden-Oosten? Mis, dit was de stand van zaken 3200 jaar geleden, alleen heetten de hoofdrolspelers toen Myceners, Hettieten, Kanaänieten en Babyloniërs, om er maar een paar te noemen. Veel van wat zich in die tijd afspeelde is nog duister, maar één ding is duidelijk: we zijn hier getuige van niets minder dan het einde van een tijdperk. Machtige rijken stortten ineen om nooit meer te herrijzen. Diverse grote staten verdwenen om plaats te maken voor kleine stadsstaatjes. De Bronstijd eindigde plotsklaps en een heel ander tijdperk, de IJzertijd, diende zich aan toen de rook van de puinhopen was opgetrokken. Hoe heeft dit zo kunnen gebeuren?

Tot nu toe werd vooral met de beschuldigende vinger naar de geheimzinnige Zeevolken gewezen, die al plunderend en brandschattend overal het oostelijk deel van het Middellandse Zeegebied binnen vielen en aan wie voor zover bekend alleen de Egyptisch farao Ramses III een beslissende nederlaag wist toe te brengen. Wie deze mysterieuze volkeren waren is een beetje onduidelijk. Alleen van de Filistijnen (wereldberoemd dankzij de bijbel, en de naamgevers van Palestina) is vrijwel zeker dat ze er deel van uitmaakten, maar waar deze Zeevolken nu precies vandaan kwamen en waarom ze hun invallen deden is allerminst helder. Vermoedelijk kwam een deel uit westelijke richting, mogelijk van Sardinië en Sicilië (gezien de naam van twee groeperingen: de Shardana en de Shekelesa), en kwamen andere groepen misschien uit Anatolië (in wat nu Turkije is) en uit het gebied van de Egeïsche Zee. Mogelijk dat ze op drift waren geraakt door hongersnood, maar daar is nog minder consensus over. De meest pertinente vraag is echter hoe de invallen van groepen veredelde piraten zoveel machtige rijken ten val konden brengen en een heel tijdperk konden beëindigen. Het klinkt op zijn minst nogal verbazingwekkend.

Bron: Wikipedia.
Eric Cline's stelling is dan ook dat de Zeevolken tot nu toe ten onrechte als DE grote boosdoeners zijn aangewezen in het drama dat Einde van de Bronstijd heet. Volgens hem ligt de zaak een stuk ingewikkelder en genuanceerder en waren de Zeevolken misschien wel eerder symptoom dan oorzaak. Archeoloog Cline maakt niet alleen gebruik van historische bronnen, zoals geschriften van Egyptenaren en Hettieten (heersers in wat nu ruwweg Turkije is), maar ook van recente archeologisch onderzoeken, met name van die van scheepswrakken uit de betreffende periode. Hij bouwt langzaam een betoog op, dat eerlijk gezegd behoorlijk traag op gang komt, met veel informatie waarvan je je afvraagt waar ze voor dient, maar geleidelijk worden de contouren helderder en het beeld samenhangender. Voordeel is dat Cline vlot schrijft en de doorzettende lezer uiteindelijk beloont met een boeiend relaas.

Cline schetst een wereld die volgens hem verrassend kosmopolitisch was, met veel contacten tussen de grote rijken onderling, niet alleen door middel van de uitwisseling van huwelijkspartners, maar minstens evenveel door internationale handel over grote afstanden. Hij meent dat daardoor een aanzienlijke mate van wederzijdse afhankelijkheid tussen deze staten was ontstaan en dat ze daardoor gevoeliger waren voor verstoringen van buitenaf, zoals aardbevingen (waarvan er voorafgaand aan deze periode verscheidene waren, zoals blijkt uit opgravingen) en klimaatverandering (er is onomstotelijk aangetoond dat sprake van aanhoudende droogte). Mogelijk dat hierdoor volksoproeren uitbraken (ook hier zijn aanwijzingen voor), dat er hele groepen op drift sloegen door misoogsten en hongersnood (die gedocumenteerd is in de geschriften uit die tijd), dat daardoor aanvoerlijnen over zee verstoord werden (minder zeker) en dat het 'systeem' instabiel werd en door een soort kettingreactie in elkaar stortte. Elk van deze calamiteiten op zich was onvoldoende om voor de min of meer gelijktijdige ineenstorting van diverse grote rijken te zorgen. Aardbevingen en hongersnoden kwamen immers bij wijze van spreken om de haverklap in de oude geschiedenis voor, zonder zulke ingrijpende gevolgen. Maar als meerdere van deze rampen zich gelijktijdig of vlak na elkaar voordeden (en daar lijkt het op), had een beschaving niet de tijd om zichzelf weer op te bouwen, en was ze wellicht ten dode opgeschreven.

Op zich klinkt deze theorie aannemelijker dan de Zeevolken maar overal de schuld van te geven. Ze is natuurlijk ook minder spannend en geheimzinnig, maar dat mag geen reden om haar af te wijzen. Ik heb wel een kritiekpuntje. Naar mijn (bescheiden, want ondeskundige) mening hecht de auteur, gezien het voorhanden zijnde bewijs, teveel belang aan het wegvallen van de internationale handelsbetrekkingen in deze periode, want de aard en omvang daarvan staan nog onvoldoende vast. Als het om weinig meer ging dan de uitwisseling van luxegoederen tussen de elites kan ik me niet voorstellen dat het verdwijnen hiervan ingrijpende gevolgen had. Een rijk valt niet meteen om doordat zijn heersers niet meer over dure spulletjes kunnen beschikken. In die zin wordt Cline's hypothese dus (nog) niet voldoende gestaafd door bewijzen. Maar de richting van zijn argument klinkt wel degelijk overtuigend. Nader onderzoek zal uit moeten wijzen of ze ook daadwerkelijk klopt.

Het is een beetje ironisch dat ik dit boek aanschafte omdat ik een paar jaar geleden geïntrigeerd raakte door de Zeevolken en daar meer over wilde weten, en dat Cline nu juist aantoont dat hun aandeel in het eind van de Bronstijd waarschijnlijk veel minder groot is dan tot nu toe gedacht. Ik ben dus wel iets wijzer  geworden over hen, maar heb vooral het een en ander opgestoken over de wereld van het oostelijke Middellandse Zeegebied in het algemeen. Dit boek is deel 1 van een nieuwe serie van Princeton University Press, die Turning Points in Ancient History is gedoopt. Ik heb nog niet gewaar kunnen worden wat er nog meer op stapel staat, maar ik vind dit boek interessant genoeg om de serie goed in de gaten te houden voor de toekomst.

PS Aarzel om niet om je eigen commentaar toe te voegen. Ik stel het zeer op prijs als mensen de moeite nemen om reacties of aanvullingen te plaatsen! Heb je dit boek besproken op je eigen blog? Plaats dan s.v.p. een link bij de reacties.

4 opmerkingen:

  1. Hoi Anna, van deze periode in de wereldgeschiedenis weet ik nagenoeg niets, maar dit klinkt als een zeer interessant boek. Misschien ga ik het ook wel een keertje lezen. Groetjes, Erik

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik moet eerlijk bekennen dat ik ook bijna niets wist van deze periode, maar dat ik er nu meer over ga lezen. Eric Cline heeft ook een boek over het oude Troje geschreven dat nu hoog op mijn verlanglijst staat. De Trojaanse oorlog die de basis was voor de Iliad vond namelijk waarschijnlijk in deze zelfde periode plaats.

      Verwijderen
  2. Dat is vaak het lastige voor archeologen, er zijn vaak onvoldoende restanten te vinden om de theorie te bewijzen, of wat er is is moeilijk te interpreteren. Vaak blijft het bij: het meest waarschijnlijke en dat is deze theorie wel, een stuk waarschijnlijker dan slechts één oorzaak te geven van het verval van al deze rijken. Interessant!

    Groetjes,

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ja, dat klopt, Bettina. Maar gelukkig is er nog heel veel op te graven en is het goed mogelijk dat het beeld de komende decennia steeds helderder wordt. Zoals het motto van mijn vorige werkgever, de Universiteit Utrecht, luidde: wetenschap is nooit af.

      Verwijderen