maandag 2 november 2015

De fan die tot het uiterste gaat

Stephen King,
Finders Keepers (VS 2015)
Roman, 448 pp.
Nederlandse titel: De eerlijke vinder
25 oktober 2015


Fans zijn niet altijd een onverdeeld genoegen. Het is natuurlijk een grote eer om als schrijver aanbeden te worden door getroebleerde jongelui die in jouw hoofdpersoon eindelijk iemand herkennen waarmee ze zich kunnen vereenzelvigen, maar moet één van die fans nou persé een psychopaat zijn die links en rechts mensen dood knalt? Liever niet. Vooral niet als die fan het niet eens is met de richting die jij je hoofdpersoon op hebt laten gaan. Dan wordt zo'n fan levensgevaarlijk voor jou als schrijver. Droevig genoeg word je daarmee ook meteen meedogenloos geconfronteerd met het gegeven dat het lezen van boeken iemand niet automatisch een beter mens maakt.

Kist met gestolen geld
Zowel de bad guy als de good guy in dit boek zijn volledig gegrepen door de Runner-trilogie van auteur John Rothstein. Hun puberale adoratie voor de opstandige hoofdpersoon Jimmy Gold is overigens - naast hun intelligentie - het enige dat ze gemeen hebben, want voor de rest lijken ze in niets op elkaar. De ene (Morris Bellamy) is een extreme narcist die vooral opvalt door het grote zwarte gat waar andere mensen een geweten hebben, de andere (Pete Saubers)  is een joch dat er alles voor over heeft om zijn financieel aan de grond geraakte ouders en zijn jongere zusje te helpen. O ja, en er zit bijna  twee generaties tijdsverschil tussen de twee jongens. De een opereert in de jaren zeventig, de ander in het nu. Wat ze uiteindelijk samenbrengt is een kist met gestolen geld en de nooit gepubliceerde vervolgdelen op de Runner-trilogie. Hoe dat gebeurt, ga ik hier natuurlijk hier niet vertellen, want deze roman moet het van de plot hebben. Zoals verwacht, werkt Stephen King die met grote vakkundigheid uit, in een prettig, vlot proza dat perfect is voor dit soort boeken: snel en ook nog eens lekker spits.

Ernstig gevaar
Om de spanning op te voeren, laat King zijn Pete in de loop van het verhaal steeds verder in de problemen komen, maar gelukkig treedt er als het écht spannend wordt een trio reddende engelen aan. Drie personages uit Kings eerdere boek in deze serie (Mr Mercedes, dat ik niet heb gelezen) worden weer van stal gehaald, te weten brompot en ex-politieagent Bill Hodges, zijn ietwat eigenaardige en getraumatiseerde assistente Holly Gibney en de student Jerome Robinson, van wie het jongere zusje bevriend is met Tina, het zusje van Pete. Het is aan Tina en haar vriendinnetje te danken dat Bill Hodges zich met de zaak gaat bemoeien, want Tina heeft een bang vermoeden dat haar broer wel eens in ernstig gevaar zou kunnen verkeren. Wat ze dan nog niet doorheeft is dat de zeventienjarige Pete het moet opnemen tegen een doortrapte en doorgewinterde crimineel.

Slim uitgesponnen plot
Finders Keepers is een heel bevredigende representant in het genre Spannend Boek. Al te subtiel is het allemaal niet, want Morris de schurk heeft werkelijk geen enkele goede karaktereigenschap: het is een honderd procent egoïstisch, gemeen, gewelddadig stuk vreten, waarvan je van harte hoopt dat hij op akelige wijze aan zijn eind zal komen. Aan de andere kant staat dan zo'n leuke, zorgzame schooljongen als Pete. Er is geen  enkele ruimte voor twijfel over wie slecht en wie goed is in dit boek. Maar uiteindelijk lees je een thriller dan ook niet voor de morele subtiliteit, maar voor de lol van de steeds verder opgevoerde spanning en de slim uitgesponnen plot. Daarvoor zit je met dit boek gebeiteld. De rol die boeken en schrijvers erin spelen, geeft het verhaal bovendien een extra dimensie die de meeste thrillers niet hebben. Morris Bellamy is net als Jane Austens jonge heldin in Northanger Abbey zó sterk getroffen door een stel romans dat hij realiteit en fictie met elkaar verwart. Bij Austen resulteert dat in een paar pijnlijke misverstanden, bij King in een bloedbad.

Valse noot
Alleen het einde vond ik eerlijk gezegd raar. Daarin gaan we eventjes terug naar het criminele monster dat in het eerdere Mr. Mercedes wordt gepakt door Bill Hodges en nu in een inrichting zit. En dan blijkt ineens dat deze griezel paranormale gaven heeft, die in een vervolgdeel ongetwijfeld nog voor veel ellende zullen zorgen. Paranormaal gedoe in een verder volkomen realistisch verhaal vind ik altijd een beetje een zwaktebod. Het is wat anders als de schrijver er lustig en ongebreideld op los fantaseert en het bovennatuurlijk een echte rol laat spelen, zoals David Mitchell zo aanstekelijk doet in zijn laatste twee boeken; maar in wat verder een conventioneel misdaadverhaal is, komt het op mij over als een valse noot. Het is ongetwijfeld een opmaat voor een vervolg op dit verhaal, alleen dan waarschijnlijk in de vertrouwde Stephen King horror-modus waar ik niks mee heb.

PS Aarzel niet om je eigen commentaar toe te voegen. Ik stel het zeer op prijs als mensen de moeite nemen om reacties of aanvullingen te plaatsen! Heb je dit boek besproken op je eigen blog? Plaats dan s.v.p. een link bij de reacties.

2 opmerkingen:

  1. Hé de thematiek lijkt op die van Misery: een fan die tot alles in staat is om de schrijver te beïnvloeden. Dat boek viel me een beetje tegen, dus ik denk dat ik deze ook aan me voorbij laat gaan.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik heb zelf Misery niet gelezen, maar het schijnt inderdaad bij de thematiek aan te sluiten, alleen is dit voor zover ik heb begrepen een meer recht-toe-recht-aan spannend boek.

      Verwijderen