woensdag 30 juli 2003

Kenia en Tanzania: beesten en bergtoppen

Wie denkt dat het in Afrika altijd en overal tropisch heet is, zal verrast zijn te horen dat, terwijl in juli 2003 iedereen in Nederland lag te smelten bij 32° C, ik in Afrika rondwandelde bij een temperatuur van rond de 20° C en dat ik 's avonds met een warme kruik in mijn donzen slaapzak kroop, omdat het 's nachts in de bergen vroor. Bij het krieken van de dag zat er dan een mooi laagje ijs op de tent.
Misschien wat anders dan je je bij tropisch Afrika voorstelt, maar wel ideaal wandelweer.
Reisgegevens

Periode: juli 2003
Soort reis: georganiseerde wandelreis
Organisatie: SNP
Accommodatie: lodges, vrij kamperen
Bezocht: Nairobi, Mount Kenya; Arusha, Tarangire NP, Nogorongoro Crater NP, Lake Manyara NP, Kilimanjaro
Weer: overdag aangenaam, 's nachts in de bergen vrieskou.
Reuzenkruiskruid op de hellingen van Mount Kenya.
Wonderlijke planten op Mount Kenya

We begonnen onze reis in Kenia, met een meerdaagse wandeling naar de top van Mount Kenya. De plantengroei daar is heel bijzonder. Er groeien reuzenlobelia's die me in niks deden denken aan de schattige diepblauwe bloempjes in mijn tuin - en wat te denken van het reuzenkruiskruid op de foto hierboven? Ook kun je op de hellingen van Mount Kenya kuddes zebra's tegenkomen. Zelf heb ik ze daar niet gezien, maar wel hun sporen en uitwerpselen. Veel andere wandelaars zijn we ook niet tegengekomen. De Sirimon Trail, die wij volgden, was heerlijk rustig en kennelijk niet uitgesproken populair, waarschijnlijk omdat er onderweg geen hutten zijn.

Maasai jongens in de Ngorongoro Krater
Maasai in mooie kleren

In Tanzania, onze volgende bestemming, zaten we grotendeels in het gebied van de Maasai, een volk dat voornamelijk uit veehoeders bestaat en er nog steeds een traditionele leefwijze op na houdt. Zowel de mannen als de vrouwen zien er fantastisch mooi uit. De mannen dragen vrijwel altijd felrode kleden en soms oranje of paarse, en de vrouwen gaan in allerlei kleuren gekleed, hebben kaalgeschoren hoofden en dragen enorme sieraden in hun oren en rond hun nek, gemaakt van heel veel kleine kraaltjes. Toch is het leven voor de Maasai bepaald geen vetpot en de vraag is hoelang hun levenswijze nog kan bestaan.
Dieren van heel dichtbij

Voordat we onze volgende berg gingen bewandelen, was het tijd om aapjes te kijken in Tanzania. De hoeveelheid en diversiteit van wilde dieren die je in de nationale parken ziet, is ongelooflijk. De leeuwen liepen zo dicht langs de auto dat ik ze had kunnen aaien als ik het raampje had opengedraaid. Overal zie je kuddes zebra's. De giraffes kijken je van vlakbij nieuwsgierig en belangstellend in de ogen. De aapjes gaan gewoon door met spelen, ruzie maken en elkaar vlooien. Zelfs de schichtige antilopes blijven onverstoorbaar staan grazen.
Hyena
Flamingo's
Leeuwin
Zebra's
Giraffe
Olifanten
Zwevende berg

Nadat iedereen aan de hoogte gewend was geraakt op Mount Kenya en we van de dieren hadden mogen genieten in de wildparken begon het zware werk weer: de Kilimanjaro. We startten de wandelingen in het dorpje Londorossi, waar we op het plaatselijke voetbalveldje kampeerden, mét kuilen en naast de lagere school, waar de leerlingen ons waanzinnig interessant vonden. Het allerleukste van de school was te zien hoe ze 's ochtends vroeg begonnen: met een warming up. Alle leerlingen renden in klassenverband, in schooluniform, achterelkaar een flinke ronde door het dorp onder het zingen van een lied - mogelijk waren ze daarna al zoveel energie kwijt, dat het weinig moeite kostte om orde te houden. Een ontzettend leuk gezicht was het in ieder geval wel.

Elke dag kwam de prachtige besneeuwde top van de Kili een stukje dichterbij, totdat hij bij wijze van spreken bijna het hele beeld vulde. Al die tijd hadden we ook uitzicht op de "tweelingberg" vlakbij: Mount Meru. Het allermooist was die toen wij op een dusdanige hoogte zaten dat we boven de wolken zaten en Mount Meru in de lucht leek te zweven (zie de foto hieronder).
Uitzicht op Mount Meru vanaf de hellingen van de Kilimanjaro

Twintig kilo op je hoofd

Wij vonden het eerst ook moeilijk te geloven, maar de dragers in Tanzania droegen echt onze bagage op hun hoofd of in hun nek. Op de foto hiernaast zie je ze tijdens de laatste afdaal-etappe in het regenwoud, waar een goed pad liep; maar ook tijdens de steile beklimming van de Baranco Wand, die weliswaar niet gevaarlijk was, maar waar wij wel handen én voeten moesten gebruiken, balanceerden deze dragers met twintig kilo op hun hoofd naar boven. Er is nooit een ongeluk gebeurd.

Op de foto's kun je trouwens goed zien dat de Kilimanjaro (en dat geldt ook voor Mount Kenya) op een klein gebied heel veel verschillende vegetatiezones telt, wat vooral opvalt als je afdaalt. Van een vrijwel kale alpiene zone met voornamelijk mos, kom je in struikheidevegetatie, waarna de struiken overgaan in bescheiden bomen om tenslotte te veranderen in een weelderig tropisch regenwoud met gigantische varens, bloemen, enorme bomen en geheimzinnig gefilterd licht. Je hoort een hoop vogels, maar ziet ze niet. Een geweldige afsluiting van een prachtreis. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen