zondag 9 maart 2008

Meesterlijk relaas over de oorsprong van al het leven

Richard Dawkins, The Ancestor’s Tale: A Pilgrimage to the Dawn of Life (GB 2004)
Evolutie, 506 pp.
9 maart 2008

Momenteel maakt Dawkins vooral furore als auteur van The God Delusion (God als misvatting), maar hij is de eerste plaats bioloog én een fantastisch verteller. Voordat ik er aan begon leek dit boek me een tikje saai: een omgekeerd-chronologisch overzicht van alle levende dier- en plantsoorten. Hmm. Dat moest bijna wel een taaie opsomming worden. Niets is minder waar. Dawkins heeft zich bij de opzet van het boek laten inspireren door The Canterbury Tales van Geoffrey Chaucer, waar elke pelgrim op weg naar Canterbury een verhaal vertelt. In dit geval zijn de pelgrims de soorten die we ontmoeten op onze tocht terug in de tijd.

Eerst komen de dieren die het dichtst bij ons staan, zoals de mensapen en de overige apen. Dan ontmoeten we via allerlei andere zoogdieren de vogels, de reptielen, de amfibieën, de vissen, de wormen enzovoort, tot we bij de eerste bacterieën eindigen, de gezamenlijke voorouder van alle levensvormen op aarde. Bij elke ontmoeting met een andere soort (een "pelgrim") weet Dawkins een prachtig verhaal te vertellen dat ons niet alleen wijzer maakt over de evolutie van de betreffende soort , maar vooral over evolutie in het algemeen, over genetica en over onszelf. Zo is de brulaap aanleiding voor een verhaal over kleuren zien, lezen we dat de walvis een nijlpaard is dat in de zee is gaan leven, komen we dankzij het vogelbekdier van alles te weten over de relatie tussen meest gebruikte zintuigen en ruimte in de hersenen, en vertelt de bloemkool het verhaal van de verhouding tussen lichaamsvolume en stofwisseling.

Wetenschap-voor-de-leek van de allerhoogste kwaliteit. En ook nog eens met heel veel mooie plaatjes.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen