zondag 6 december 2009

Waarin Anna zich eindelijk aan Proust waagt

Marcel Proust,
In Search of Lost Time, deel 1: Swann's Way (Frankrijk 1913)
Roman, 512 pp.
29 november 2009


Uit The Guardian van 20 november 1922:
PARIS, SUNDAY Marcel Proust, foremost of "young novelists" of France, died yesterday. He was fifty years old and had been in poor health from childhood. It is probable that he was as well known abroad, especially in Holland and England, where Marcel Proust Societies have recently been formed, as in Paris, where his work was enjoyed by a select minority. His style was difficult and obscure, and his intricate, exquisitely delicate meditations and analysis of emotions could never have appealed to the mass of readers. Outwardly and in his habits he was a strange being. Very pale, with burning black eyes, frail and short in stature, he lived like a hermit in his home, which was open to a few privileged friends, amongst precious furniture. Yet by fits and starts he loved to re-enter the fashionable "night-life" of Paris. His apartment was lined throughout with cork in an ineffectual attempt to keep out the uproar of the noisiest city in the world. Most of his best-known work was done after he reached the age of forty-five years. Of all idols and masters of present-day literature in France he is most likely to have won a place which time will not take away.

Dat laatste had The Guardian in 1922 al goed gezien. Prousts romancyclus A la recherche du temps perdu is een monument uit de wereldliteratuur geworden, zo beroemd en zo omvangrijk (zes hele dikke delen) dat ik er altijd een beetje door geïntimideerd werd. Totdat Alain de Botton naar Groningen kwam en ik besloot om zijn How Proust Can Change Your Life te lezen. Dat was een grote verrassing. Het leek erop dat Proust niet alleen afschrikwekkend lange en moeilijke zinnen schreef, maar ook heel geestig kon zijn, waarachtig interessante dingen had te vertellen en de lezer helemaal kon bedwelmen met de prachtigste impressies van bloemen, muziek, kunst, menselijke relaties, plaatsen en noem maar op. Toen vlak daarna een weblog werd ingericht om gezamenlijk elke dag 10 à 15 bladzijden van A la Recherche te lezen (in Engelse vertaling), was er geen ontkomen meer aan: deel 1 moest na al die jaren eindelijk maar eens uit de kast komen en als het beviel ging ik deel 2 aanschaffen.

Het werd een hele bijzondere leeservaring. Proust is met geen enkele mij bekende schrijver te vergelijken. Hij schrijft weliswaar net als Jose Saramago en W.G. Sebald hele lange zinnen; van die constructies die, onderverdeeld door komma's, puntkomma's, haakjes en streepjes, eeuwig door lijken te lopen en die je vaak meerdere keren moet lezen om er tot door te dringen. Maar Saramago en Sebald hebben niet die ongelooflijk beeldende, uitgesponnen, alle zintuigen beroerende suggestiviteit.

Zoals uit de titel al blijkt, is de romancyclus een zoektocht in de herinnering, een zoektocht die bij de verteller begint als hij (in de beroemdste scène uit de hele serie) voor het eerst sinds jaren weer een madeleinekoekje gedoopt in lindenbloesemthee eet en door de smaak ervan plotsklaps teruggevoerd wordt naar zijn jeugdjaren, toen hij en zijn ouders in het voorjaar en de zomer altijd naar het huis van zijn tante in het provinciestadje Combray gingen. De eerste sectie van Swann's Way bestaat uit de herinneringen, indrukken, gedachtes, personages uit de jeugd van de ik-figuur en uit de indrukken en gedachten die deze herinnerigen en personages op hun beurt weer oproepen. Een verhaal is er niet, wel bedwelmende beschrijvingen van meidoorns, humoristische portretjes van de familieleden en de mensen in Combray, mini-essaytjes over hoe we waarnemen en hoe anderen ons waarnemen, over kunst, over de werking van het geheugen.

And so it is with our own past. It is a labour in vain to attempt to recapture it: all the efforts of our intellect must prove futile. The past is hidden somewhere outside the realm, beyond the reach of intellect, in some material object (in the sensation which that material object will give us) of which we have no inkling. And it depends on chance whether or not we come upon this object before we ourselves must die. (p. 51)
Het tweede deel richt zich op Monsieur Swann, die een landgoed vlakbij Combray heeft, maar verder net als de ik-figuur in Parijs woont en die voordat deze laatste werd geboren een heftige liefde opvatte voor de lieftallige en manipulatieve courtisane Odette. Dit is een hele andere wereld dan die van het idyllische Combray van de jeugd van de ik-figuur. Swann beweegt zich in high society, Odette in die van lieden die daarnaar aspireren. Ook hier overpeinzingen over kunst en liefde, mild-spottende en o zo rake portretten van de mensen waar Swann en Odette mee omgaan, en humor. Als coda is er nog een kort derde deel, waarin de verteller terugkijkt en we onverwacht gewaar worden wat er van Swann en Odette is geworden.

Mijn exemplaar van dit boek zit stampvol met plakpijltjes die aangeven waar ik getroffen werd door een extra bijzondere passage - zoveel dat er eigenlijk geen beginnen aan is om er een uit te kiezen om te citeren. Er valt ook oneindig veel diepzinnigs over dit boek te zeggen, maar ten eerste is ook daar in het bestek van een korte bespreking nauwelijks aan te beginnen en ten tweede is dat in de loop van de afgelopen eeuw door professionele literatuurcritici al zoveel beter gedaan, dat ik maar beter mijn mond kon houden. Nou ja, vooruit, toch nog één mooi citaat dan, dat de opmaat is voor een opvallende meditatie over liefde en verlangen:

After an hour of rain and wind, against which I had struggled cheerfully, as I came to the edge of the Montjouvain pond, beside a little hut with a tiled roof in which M. Vinteuil's gardner kept his tools, the sun had just reappeared, and its golden rays, washed clean byt the shower, glittered anew in the sky, on the trees, on the wall of the hut and the still wet tiles of the roof, on the ridge of which a hen was strutting. The wind tugged at the wild grass grwoing from the cracks in the wall and at the hen's downy feathers, which floated out horizontally to their full extent with the unresisiting submissiveness of light and lifeless things. The tiled roof cast upon the pond, translucent again in the sunlight, a dappled pink reflection which I had never observed before. And seeing upon the water, and on the surface of the wall, a pallid smile responding to the smiling sky, I cried aloud in my enthousiasm, brandishing my furled umbrella: "Gosh, gosh, gosh, gosh!" But at the same time I felt that I was in duty bound not to content myself with these unilluminating words, but to endeavour to see more clearly into the sources of my rapture. (p. 186)
En dan nu de hamvraag: vond ik het echt heel erg mooi en ga ik door met het volgende deel? Het antwoord op allebei de vragen is een daverend en onvoorwaardelijk OUI! Ik ben inmiddels al een eind in deel 2, lig ver voor op het schema van de andere lezers en ben nu zo algeheel verslingerd aan A la Recherche dat ik ook deel 3 al heb besteld.

Besprekingen van de overige delen: 
2. In a Budding Grove
3. The Guermantes Way

4. Sodom and Gomorrah
5. The Captive
6. The Fugitive 
7. Time Regained
En een uitgebreid bericht met achtergrondinformatie: Proustiana

PS Ik lees de aloude en alom gewaardeerde Engelse vertaling van Scott Moncrieff. Er is sinds kort ook een modernere vertaling van Penguin uit, maar volgens de kenners is de vertaling van Montcrieff nog steeds de beste. Nederlandse vertalingen ken ik niet. Ik heb er in de boekhandels wel naar gekeken (onder het motto van "steun uw plaatselijke boekwinkel"), maar heb daar geen spoortje van Proust kunnen ontwaren. Ik ga dus gewoon verder met de uitstekende, en zeer betaalbare vertaling van Moncrieff.

12 opmerkingen:

  1. De Nederlandse vertaling is van Therése Cornips -- die er een levenstaak aan had -- en die is erg goed.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Dat bedoel ik, even dimmen he? Ik heb al een hoop boeken besteld via The Book Depository door jouw aanraden (Treausure Island, Dracula, Frankenstein, Crusoe, Ivanhoe, Hound of Baskervilles, Gulliver, Hemmingway) en de inleiding op Proust via De Botton (deze via bol.com overigens).  Ben bang dat Proust wel een 2010-project gaat worden...

    groet,

    Koen

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Aha, dan ga ik die misschien wel aanschaffen als ik de serie ga herlezen, want herlezen is noodzakelijk, dat is me nu al duidelijk.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Proust zal ook voor mij grotendeels een 2010-project worden. Ik hoop vóór de zomervakantie alle delen gelezen te hebben, maar of dat lukt....
    En heel goed dat je al die Engelse klassiekers gaat lezen. Ik ben benieuwd om straks op je blog te lezen wat je ervan vindt.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Proust staat ook op mijn leeslijstje, inderdaad in de gelauwerde vertaling van Thérèse Cornips. Maar in 2010 had ik al een Sylvia Townsend Warner-project en/of een Virginia Woolf-project gepland (ja, ik weet dat je VW maar niks vindt), dus Proust moet nog éven wachten... :)  

    BeantwoordenVerwijderen
  6. o ja, Virginia Woolf! Ik heb vroeger een of twee romans van haar gelezen die ik best genietbaar vond (weet niet uit het hoofd welke), maar ik ben een paar jaar geleden zo afgeknapt op Mrs Dalloway dat ik ineens helemaal allergisch ben voor VW. Misschien wel volkomen onterecht, hoor, dus wie weet geef ik haar over een tijdje nog een kans.
    Ik ben benieuwd naar je Sylvia Townsend project. Het boek dat je een tijdje geleden hebt aangeraden (Lolly Willows) ligt vrij hoog op de binnenkort-te-lezen stapel. Ze lijkt me een interessante auteur.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. TSK. Jij liever dan ik! ;) OK, ik ben wel van de classics, maar deze... Nou ja, je enthousiasme wordt hier natuurlijk wel opgemerkt ;) Misschien eens beginnen met de graphic novel? ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Goed idee, die graphic novel. Als ik tegen de tijd dat ik aan mijn zevende herlezing toe ben zelfs de Nederlandse vertaling niet meer kan volgen, begin ik gewoon aan de stripversie ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  9. Ik wil zoveel mogelijk fictie van STW lezen, in chronologische volgorde. Ik heb zelf drie van haar romans, in de mooie NYRB uitgaven, en de bibliotheek heeft er ook nog een paar, weggestopt in het magazijn. Mijn cunning plan is ervoor te zorgen dat niemand het in zijn bolle hoofd krijgt om die maar weg te doen 'omdat er toch nooit iemand naar vraagt'. O:-)

    Als Lolly Willowes je bevalt, kan ik je zeker aanraden meer van haar te lezen. Haar boeken zijn onderling heel verschillend, maar ik vind dat ze geweldig schrijft.

    BeantwoordenVerwijderen
  10. Hoi Anna, na "Oorlog en vrede" is "Op zoek naar de verloren tijd" mijn favoriete roman. Ik heb de prachtige vertaling van Therèse Cornips gelezen. Vooral deel 1 "De kant van Swann" en deel 2 "Op zoek naar de bloeiende meisjes" vind ik prachtig. Van Proust zijn ook 5 in het Nederlands vertaalde stripbewerkingen verschenen van Stephane Heulot, ook erg leuk. Een paar weken geleden heb ik "tegen Sainte Beuve" gelezen, dat een soort voorstudie is voor "op zoek naar de verloren tijd". Voor een korte reactie daarop, zie mijn site op librarything.
    Ik heb nog verschillende biografieën over Proust in de kast staan, maar behalve een korte van Edmund White heb ik die nog niet gelezen. Het boekje van Alain de Botton vond ik weer niet zo bijzonder. Ik heb meer van de Botton gelezen, maar ik kan er niet echt warm voor lopen.

    BeantwoordenVerwijderen
  11. Hoi Erik, Contre Sainte Beuve staat al een tijdje op mijn verlanglijstje, maar is nog niet aangeschaft. Als Proustliefhebber moet ik dat natuurlijk wel een keer lezen.

    BeantwoordenVerwijderen
  12. Ik denk dat ik jouw voorbeeld maar ga volgen!
    http://heldenreis.nl/2015/10/proust-1

    BeantwoordenVerwijderen